( 01/01/2023 - ... )
Rechtsgronden
Dit besluit is gebaseerd op:
- Verordening (EU) nr. 1380/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 inzake het gemeenschappelijk visserijbeleid, tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 1954/2003 en (EG) nr. 1224/2009 van de Raad en tot intrekking van Verordeningen (EG) nr. 2371/2002 en (EG) nr. 639/2004 van de Raad en Besluit 2004/585/EG van de Raad, artikel 15;
- Verordening (EG) nr. 1224/2009 van de Raad van 20 november 2009 tot vaststelling van een communautaire controleregeling die de naleving van de regels van het gemeenschappelijk visserijbeleid moet garanderen, tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 847/96, (EG) nr. 2371/2002, (EG) nr. 811/2004, (EG) nr. 768/2005, (EG) nr. 2115/2005, (EG) nr. 2166/2005, (EG) nr. 388/2006, (EG) nr. 509/2007, (EG) nr. 676/2007, (EG) nr. 1098/2007, (EG) nr. 1300/2008, (EG) nr. 1342/2008 en tot intrekking van Verordeningen (EEG) nr. 2847/93, (EG) nr. 1627/94 en (EG) nr. 1966/2006;
- Verordening (EU) nr. 2023/ van de Raad van januari 2023 tot vaststelling, voor 2023, van de vangstmogelijkheden voor sommige visbestanden en groepen visbestanden welke in de wateren van de Unie en, voor vaartuigen van de Unie in bepaalde wateren buiten de Unie van toepassing zijn;
- gedelegeerde verordening (EU) 2020/2014 van de Commissie van 21 augustus 2020 tot vaststelling van nadere bepalingen ter uitvoering van de aanlandingsverplichting voor bepaalde demersale visserijen en bepaalde kleine pelagische visserijen en visserijen voor industriële doeleinden in de Noordzee voor de periode 2021-2023;
- gedelegeerde verordening (EU) 2020/2015 van de Commissie van 21 augustus 2020 tot vaststelling van een teruggooiplan voor bepaalde demersale visserijen in de westelijke wateren voor de periode 2021-2023;
- het decreet van 28 juni 2013 betreffende het landbouw- en visserijbeleid, artikel 24;
- het besluit van de Vlaamse Regering van 16 december 2005 tot de instelling van een visvergunning en houdende tijdelijke maatregelen voor de uitvoering van de communautaire regeling inzake de instandhouding en de duurzame exploitatie van de visbestanden, artikel 18.
Vormvereiste
Artikel 3, §1 van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, staat toe dat er een vrijstelling wordt verleend van de aanvraag van een advies wegens dringende noodzakelijkheid.
De dringende noodzakelijkheid wordt verantwoord door het feit dat dit ministerieel besluit in werking moet treden op 1 januari 2023 en een looptijd van één jaar heeft.
Het ministerieel besluit kon niet eerder genomen worden, gelet op de onderhandelingen op Europees niveau over de verschillende vangstbeperkingen.
De inhoud van dit ministerieel besluit is onderworpen aan administratieve handhaving enerzijds. Anderzijds is het noodzakelijk om de continuïteit van de opdrachten als overheidsdienst te verzekeren met inachtneming van de verplichtingen die door de Europese en internationale regelgeving op het gebied van de zeevisserij worden opgelegd.
Motivering
Dit besluit is gebaseerd op de volgende motieven:
De quotacommissie heeft op haar zitting van 8 december 2022 het voorstel tot visplan 2023 besproken en maatregelen voor de eerste toewijsperiode in 2023 vastgesteld.
Tijdens de Raad van Ministers bevoegd voor visserij van 11 tot 13 december 2022 werd er een akkoord bereikt met het Verenigd Koninkrijk over de gedeelde bestanden. Ook werden de definitieve vangstmogelijkheden vastgelegd voor gedeelde bestanden met Noorwegen en het VK en voor de autonome EU-bestanden.
Door een laat compromis tussen de Commissie en de VK-onderhandelaars zijn bij de afronding van de ministerraad, slechts voorlopige quota overeengekomen voor de periode van 1 januari 2023 tot en met 31 maart 2023. Door het compromis kunnen de uiteindelijke quota voor België wel correct worden ingeschat.
Gezien de bespreking van het visplan reeds rekening hield met de beschikbare wetenschappelijke adviezen aangaande de vangstmogelijkheden en er werd vanuit gegaan dat een compromis zou worden bereikt, is het voorstel van visplan 2023 nog steeds geldig.
DE VLAAMSE MINISTER VAN WELZIJN, VOLKSGEZONDHEID EN GEZIN BESLUIT:
Artikel 1.
Dit artikel is nog niet in werking getreden
Artikel 2.
Dit artikel is nog niet in werking getreden
Artikel 3. ( 01/01/2023 - ... )
De secretaris-generaal van de bevoegde entiteit, heeft delegatie om beslissingen te nemen en de feitelijke vaststelling mee te delen omtrent het bereiken van het door de Europese Unie bepaalde:
1° vangstquotum voor bepaalde vissoorten in bepaalde ICES-gebieden;
2° visserij-inspanningsniveau voor bepaalde inspanningsgroepen van vistuigen in bepaalde ICES-gebieden.
Het gevolg van de vaststellingen, vermeld in het eerste lid, is de sluiting van het ICES-gebied in kwestie voor respectievelijk:
1° vangstactiviteiten op de vissoorten in kwestie, waardoor voor alle vissersvaartuigen de visserij op die vissoorten in de wateren van die bepaalde ICES-gebieden verboden is, alsmede het aan boord houden, het overladen en het lossen van die vissoorten die in die wateren gevangen zijn.
2° vangstactiviteiten door vissersvaartuigen met vistuig in kwestie, waardoor voor die vissersvaartuigen in kwestie de visserij in de wateren van de ICES-gebieden in kwestie verboden is, alsmede het aan boord houden, het overladen en het lossen van visserijproducten die zijn gevangen in die wateren.
Artikel 4.
Dit artikel is nog niet in werking getreden
Artikel 5.
Dit artikel is nog niet in werking getreden
Artikel 6.
Dit artikel is nog niet in werking getreden
Artikel 7.
Dit artikel is nog niet in werking getreden
Artikel 8.
Dit artikel is nog niet in werking getreden
Artikel 9.
Dit artikel is nog niet in werking getreden
Artikel 10. ( 01/01/2023 - ... )
Visserijinspanning kan worden toegekend aan inspanningsgroepen door toewijzing van zeedagen. Aan de volgende inspanningsgroepen kan visserijinspanning worden toegekend voor ICES-gebieden IV en VIId: segmenten TR1, TR2, TR3, BT1, BT2, GN1 en GT1.
Bij de overschrijding van de grenzen van de ICES-gebieden, registreren de kapiteins van vissersvaartuigen in hun elektronisch logboek, de dag, het tijdstip en de positie van de overschrijding.
De registratie van visuren in het elektronisch logboek is verplicht.
Artikel 11. ( 01/03/2023 - ... )
§1. Het systeem van beperking van aantal zeedagen in het ICES-gebied VIIe ingesteld overeenkomstig bijlage II van Verordening (EU) nr. 2022/109 van de Raad van 27 januari 2022 tot vaststelling, voor 2022, van de vangstmogelijkheden voor sommige visbestanden en groepen visbestanden welke in de wateren van de Unie en, voor vissersvaartuigen van de Unie, in bepaalde wateren buiten de Unie van toepassing zijn, is van toepassing in januari 2023.
Het aantal zeedagen in het ICES-gebied VIIe, vermeld in bijlage II van Verordening (EU) 2023/194 van de Raad van 30 januari 2023 tot vaststelling, voor 2023, van de vangstmogelijkheden voor bepaalde visbestanden welke in de wateren van de Unie en, voor vissersvaartuigen van de Unie, in bepaalde wateren buiten de Unie van toepassing zijn, en tot vaststelling, voor 2023 en 2024, van dergelijke vangstmogelijkheden voor bepaalde diepzeevisbestanden, toegekend voor de periode van 1 februari 2023 tot en met 31 januari 2024.
In ICES-gebied VIIe is de overdracht van zeedagen tussen individuele vissersvaartuigen verboden.
§2. Vissersvaartuigen die in de periode van 2002 tot en met 2018 met de boomkor gevist hebben in het ICES-gebied VIIe, krijgen een vismachtiging VIIe 2023.
§3. Bij de overschrijding van de grenzen in het ICES-gebied VIIe, registreren de kapiteins van vissersvaartuigen in hun elektronisch logboek de dag, het tijdstip en de positie van de overschrijding.
De visvergunning van vissersvaartuigen die hun aantal zeedagen in het gebied VIIe overschrijden, kan voor minstens vijf opeenvolgende dagen worden ingetrokken door de bevoegde entiteit. De vismachtiging VIIe, afgeleverd overeenkomstig bijlage II van Verordening (EU) 2023/194 van de Raad van 30 januari 2023 tot vaststelling, voor 2023, van de vangstmogelijkheden voor bepaalde visbestanden welke in de wateren van de Unie en, voor vissersvaartuigen van de Unie, in bepaalde wateren buiten de Unie van toepassing zijn, en tot vaststelling, voor 2023 en 2024, van dergelijke vangstmogelijkheden voor bepaalde diepzeevisbestanden, wordt bovendien in 2024 slechts voor zes maanden toegekend.
Artikel 12.
Dit artikel is nog niet in werking getreden
Artikel 13. ( 01/01/2023 - ... )
Zodra een vissersvaartuig het maximum aantal toegelaten vaartdagen, vermeld in artikel 12 en rekening houdend met de mogelijke vermindering vermeld in artikel 28, §1, overschrijdt met twee vaartdagen, worden die vaartdagen in mindering gebracht van het maximaal toegestane aantal vaartdagen dat vanaf 1 januari 2024 aan dat vissersvaartuig wordt toegekend. Het aantal in mindering te brengen dagen wordt vermeerderd met een vaartdag per twee vaartdagen overschrijding.
Artikel 14.
Dit artikel is nog niet in werking getreden
Artikel 15. ( 01/11/2023 - ... )
§1. Van 1 januari 2023 tot en met 31 oktober 2023 is het in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, voor een vissersvaartuig van het KVS verboden bij de scholvangst een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 460 kg, vermenigvuldigd met het motorvermogen van het vissersvaartuig, uitgedrukt in kW. Van die toegekende hoeveelheid mag er per vaartuig maximaal een hoeveelheid van 60 kg per kW voor 15 maart 2023 worden opgevist.
Van 1 november 2023 tot en met 31 december 2023 is het in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, voor een vissersvaartuig van het KVS verboden bij de scholvangst een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 300 kg, vermenigvuldigd met het motorvermogen van het vissersvaartuig, uitgedrukt in kW.
§2. Van 1 januari 2023 tot en met 30 juni 2023 is het in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, voor een vissersvaartuig van het GVS verboden bij de scholvangst een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 200 kg, vermenigvuldigd met het motorvermogen van het vissersvaartuig, uitgedrukt in kW. Van die toegekende hoeveelheid mag er per vaartuig maximaal een hoeveelheid van 60 kg per kW voor 15 maart 2023 worden opgevist.
Van 1 juli 2023 tot en met 31 oktober 2023 is het in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, voor een vissersvaartuig van het GVS verboden bij de scholvangst een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 350 kg, vermenigvuldigd met het motorvermogen van het vissersvaartuig, uitgedrukt in kW.
Van 1 november 2023 tot en met 31 december 2023 is het in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, voor een vissersvaartuig van het GVS verboden bij de scholvangst een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 260 kg, vermenigvuldigd met het motorvermogen van het vissersvaartuig, uitgedrukt in kW.
Artikel 16. ( 01/11/2023 - ... )
§1. Het totale tongquotum in de ICES-gebieden VIIf, g, dat gereserveerd is voor de vissersvaartuigen van het KVS, bedraagt 60 ton voor de periode van 1 januari 2023 tot en met 31 oktober 2023.
Het de-minimisquotum wordt vastgelegd op 3% van het tongquotum voor de ICES-gebieden VIIf, g. De drempelwaarde vermeld in artikel 8 voor de tongvisserij in de ICES-gebieden VIIf, g bedraagt maximaal 5% van de reeds in de visreis in kwestie gerealiseerde tongvangst in het gebied in kwestie. Bij uitputting van dat de-minimisquotum, is het voor die vissersvaartuigen verboden nog gebruik te maken van de-minimis voor tong afkomstig uit die ICES-gebieden.
§2. Van 1 januari 2023 tot en met 31 december 2023 is het voor een vissersvaartuig van het KVS verboden in de ICES-gebieden VIIf, g aanwezig te zijn.
In afwijking van het eerste lid is het vanaf 1 februari 2023 tot en met 31 oktober 2023, alleen voor de vissersvaartuigen van het KVS, die op de lijst "Vismachtiging Bristolkanaal KVS 2023" voorkomen, toegestaan om in de ICES-gebieden VIIf, g aanwezig te zijn.
Om aan de lijst, vermeld in het tweede lid, toegevoegd te kunnen worden, richten de eigenaars van vissersvaartuigen tegen uiterlijk 6 januari 2023, 12.00 uur, met een aangetekende brief of per e-mail een aanvraag tot de bevoegde entiteit.
De toegewezen hoeveelheid tong in de ICES-gebieden VIIf, g voor de periode 1 februari 2023 tot en met 31 oktober 2023, bedraagt 6000 kg per vaartuig dat op de lijst, vermeld in het tweede lid, wordt opgenomen.
Bij overschrijding van de hoeveelheden tong, vermeld in het vierde lid, worden de door dat vissersvaartuig overschreden hoeveelheden tong in tweevoud in mindering gebracht.
Het verkrijgen van een ‘Vismachtiging Bristolkanaal’ houdt het engagement voor de reder en schipper in om, behoudens overmacht, het toegewezen quotum op te vissen.
Bij het niet opvissen van minstens 80% van het toegewezen quotum wordt het niet-opgevist quotum in mindering gebracht op het tongquotum van het betrokken vaartuig. De afhouding wordt toegepast op hetzelfde jaar of het daarop volgende jaar.
Het betrokken vaartuig wordt, indien het geen quotum heeft opgevist, behoudens overmacht, voor een periode van 3 jaar uitgesloten van de mogelijkheid om nog een aanvraag voor een specifieke visvergunning in te dienen.
§3. Van 1 januari 2023 tot en met 30 juni 2023 is het in de ICES-gebieden VIIf, g voor een vissersvaartuig van het GVS verboden bij de tongvangst een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 10 kg vermenigvuldigd met het motorvermogen van het vissersvaartuig, uitgedrukt in kW.
Van 1 juli 2023 tot en met 31 oktober 2023 is het in de ICES-gebieden VIIf, g voor een vissersvaartuig van het GVS verboden bij de tongvangst een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 10 kg, vermenigvuldigd met het motorvermogen van het vissersvaartuig uitgedrukt in kW. Hierbij dient rekening gehouden te worden met de bepalingen in artikel 19, § 5.
Van 1 november 2023 tot en met 31 december 2023 is het in de ICES-gebieden VIIf, g voor een vissersvaartuig van het GVS verboden bij de tongvangst een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 5 kg vermenigvuldigd met het motorvermogen van het vissersvaartuig, uitgedrukt in kW.
Artikel 17. ( 01/11/2023 - ... )
In de periode van 1 januari 2023 tot en met 31 oktober 2023 is het in de ICES-gebieden VIIb-c, VIIe-k, VIII, voor een vissersvaartuig van het KVS verboden een totale kabeljauwvangst te realiseren die groter is dan 50 kg.
In de periode van 1 november 2023 tot en met 31 december 2023 is het in de ICES-gebieden VIIb-c, VIIe-k, VIII, voor een vissersvaartuig van het KVS verboden een totale kabeljauwvangst te realiseren die groter is dan 50 kg.
In de periode van 1 januari 2023 tot en met 30 juni 2023 is het in de ICES-gebieden VIIb-c, VIIe-k, VIII, voor een vissersvaartuig van het GVS verboden een totale kabeljauwvangst te realiseren die groter is dan 100 kg.
In de periode van 1 juli 2023 tot en met 31 oktober 2023 is het in de ICES-gebieden VIIb-c, VIIe-k, VIII, voor een vissersvaartuig van het GVS verboden een totale kabeljauwvangst te realiseren die groter is dan 100 kg.
In de periode van 1 november 2023 tot en met 31 december 2023 is het in de ICES-gebieden VIIb-c, VIIe-k, VIII, voor een vissersvaartuig van het GVS verboden een totale kabeljauwvangst te realiseren die groter is dan 100 kg.
Artikel 18. ( 01/11/2023 - ... )
Van 1 januari 2023 tot en met 31 oktober 2023 is het in het ICES-gebied VIId voor een vissersvaartuig verboden bij de kabeljauwvangst een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 1,5 kg, vermenigvuldigd met het motorvermogen van het vissersvaartuig, uitgedrukt in kW.
Van 1 november 2023 tot en met 31 december 2023 is het in het ICES-gebied VIId voor een vissersvaartuig verboden bij de kabeljauwvangst een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 1 kg, vermenigvuldigd met het motorvermogen van het vissersvaartuig, uitgedrukt in kW.
Artikel 19.
Dit artikel is nog niet in werking getreden
Artikel 20.
Dit artikel is nog niet in werking getreden
Artikel 21.
Dit artikel is nog niet in werking getreden
Artikel 22.
Dit artikel is nog niet in werking getreden
Artikel 23. ( 20/11/2023 - ... )
§1. Het is in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, voor een vissersvaartuig van het KVS verboden bij de kabeljauwvangst per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 50 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in de desbetreffende ICES-gebieden.
Vanaf 16 augustus 2023 is het in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, voor een vissersvaartuig van het KVS verboden bij de kabeljauwvangst per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 100 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in de desbetreffende ICES-gebieden.
Het is in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, voor een vissersvaartuig van het GVS verboden bij de kabeljauwvangst per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 100 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
Vanaf 16 augustus 2023 is het in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, voor een vissersvaartuig van het GVS verboden bij de kabeljauwvangst per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 200 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
§2. Van 1 januari 2023 tot 28 februari 2023 worden in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, voor een vissersvaartuig dat gedurende de gehele visreis gebruik maakt van netmaaswijdtes groter dan 100mm in de bordenvisserij (TR1) of groter dan 120mm in de boomkorvisserij (BT1), de hoeveelheden vermeld in paragraaf 1 verhoogd met 500 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden. In de periode van 1 maart 2023 tot en met 15 augustus 2023 worden de hierboven vermelde hoeveelheden voor die vaartuigen terug verminderd tot de hoeveelheden vermeld in paragraaf 1.
In de periode van 16 augustus 2023 tot en met 30 september 2023 worden in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, voor een vissersvaartuig dat gedurende de gehele visreis gebruik maakt van netmaaswijdtes groter dan 100mm in de bordenvisserij (TR1) of groter dan 120mm in de boomkorvisserij (BT1), de hoeveelheden vermeld in paragraaf 1 verhoogd met 400 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
Vanaf 1 oktober 2023 worden in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, voor een vissersvaartuig dat gedurende de gehele visreis gebruik maakt van netmaaswijdtes groter dan 100mm in de bordenvisserij (TR1) of groter dan 120mm in de boomkorvisserij (BT1), de hoeveelheden vermeld in paragraaf 1 verhoogd met 500 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
Vanaf 1 november 2023 tot en met 19 november 2023 worden in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, voor een vissersvaartuig dat gedurende de gehele visreis gebruik maakt van netmaaswijdtes groter dan 100mm in de bordenvisserij (TR1) of groter dan 120mm in de boomkorvisserij (BT1), de hoeveelheden vermeld in paragraaf 1 verhoogd met 600 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
Vanaf 20 november 2023 worden in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, voor een vissersvaartuig dat gedurende de gehele visreis gebruik maakt van netmaaswijdtes groter dan 100mm in de bordenvisserij (TR1) of groter dan 120mm in de boomkorvisserij (BT1), de hoeveelheden vermeld in paragraaf 1 verhoogd met 700 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
§3. In de periode van 1 januari 2023 tot en met 30 juni 2023 is het in het ICES-gebied VIIa voor een vissersvaartuig verboden bij de kabeljauwvangst een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 50 kg.
In de periode van 1 juli 2023 tot en met 31 december 2023 is het in het ICES-gebied VIIa voor een vissersvaartuig verboden bij de kabeljauwvangst een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 100 kg.
§4. Het is in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, verboden bij een zeeduivelvangst per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 300 kg levend gewicht, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
In de periode van 1 februari 2023 tot en met 15 september 2023 is het in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, verboden bij een zeeduivelvangst per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 210 kg levend gewicht, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
Vanaf 16 september 2023 is het in de ICES-gebieden II, IV, zijnde de Noordzee en het Schelde-estuarium, verboden bij een zeeduivelvangst per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 360 kg levend gewicht, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
Van zodra 80% van het quotum aan zeeduivel in de ICES-gebieden II, IV, zijnde de Noordzee en het Schelde-estuarium, inclusief quotaruilen, is opgebruikt, is het verboden bij een zeeduivelvangst per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 210 kg levend gewicht, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden. De reders zullen, van zodra de 80% is bereikt, per e-mail op de hoogte worden gebracht.
Artikel 24.
Dit artikel is nog niet in werking getreden
Artikel 25. ( 20/11/2023 - ... )
§1. Het is voor een vissersvaartuig in de ICES-gebieden II, IV en VII, verboden bij makreelvangsten per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 400 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen gerealiseerd tijdens die zeereis.
Van zodra 80% van het quotum aan makreel in de ICES-gebieden II, IV, of VII, inclusief quotaruilen, is opgebruikt, is het verboden bij een makreelvangst per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 50 kg levend gewicht, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in het betreffende ICES-gebied of ICES-gebieden. De reders zullen, van zodra de 80% is bereikt in ICES-gebied II, IV of VII , hiervan per e-mail op de hoogte worden gebracht.
§1/1. Voor de ICES-gebieden VII is het voor een vissersvaartuig verboden bij de makreelvangst per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 50 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
§2. In de ICES-gebieden IV en VIId, zijnde Noordzee en Oostelijk Engels Kanaal, is het voor een vissersvaartuig verboden bij de haringvangsten per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 400 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen gerealiseerd tijdens die zeereis.
§3. Het is voor een vissersvaartuig verboden bij de heekvangsten per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 300 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis.
§4. Het is in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, voor een vissersvaartuig van het KVS verboden bij de vangsten van tongschar en witje per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 300 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
Het is in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, voor een vissersvaartuig van het GVS verboden bij de vangsten van tongschar en witje per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 600 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
Vanaf 15 maart 2023 worden de vangsten voor tongschar en witje tijdelijk verhoogd naar dagvangsten van 500 kg voor een vissersvaartuig van het KVS en 800 kg voor een vissersvaartuig van het GVS, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens de visreis in deze ICES-gebieden.
§5. Vanaf 1 januari 2023 tot en met 19 november 2023 is het in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, voor een vissersvaartuig van het KVS verboden bij de wijtingvangsten per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 250 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
Vanaf 20 november 2023 is het in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, voor een vissersvaartuig van het KVS verboden bij de wijtingvangsten per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 500 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
Vanaf 1 januari 2023 tot en met 19 november 2023 is het in de ICES-gebieden II, IV, Noordzee en Schelde-estuarium, voor een vissersvaartuig van het GVS verboden bij de wijtingvangsten per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 500 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
Vanaf 20 november 2023 is het in de ICES-gebieden II, IV, zijnde Noordzee en Schelde-estuarium, voor een vissersvaartuig van het GVS verboden bij de wijtingvangsten per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 1000 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
In afwijking van het tweede en vierde lid worden de maximaal toegelaten vangsthoeveelheden verdubbeld die gerealiseerd zijn door een vissersvaartuig dat volgens de Officiële lijst der Belgische zeeschepen 2022 uitsluitend uitgerust is met de planken of met de zegen.
§6. Het is in de ICES-gebieden VIIb-k voor een vissersvaartuig verboden bij de wijtingvangsten per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 25 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
§7. In de periode van 1 januari 2023 tot en met 30 juni 2023 is het in het ICES-gebied VIIa voor een vissersvaartuig van het GVS verboden bij wijtingvangsten een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 50 kg.
In de periode van 1 juli 2023 tot en met 31 oktober 2023 is het in het ICES-gebied VIIa voor een vissersvaartuig van het GVS verboden bij wijtingvangsten een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 50 kg.
In de periode van 1 november 2023 tot en met 31 december 2023 is het in het ICES-gebied VIIa voor een vissersvaartuig van het GVS verboden bij wijtingvangsten een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 20 kg.
§8. Het de-minimisquotum voor wijting gevangen met planken of zegens in de ICES-deelgebieden II, IVc, bedraagt 5% van de vangsten.
Het de-minimisquotum voor wijting in de ICES-deelgebieden II, IVb en c, bedraagt 4% van de vangsten.
De drempelwaarde vermeld in artikel 8 bedraagt voor de wijting in de ICES-gebieden II, IV, en VIIb-k, maximaal 10% van de reeds in de visreis in kwestie gerealiseerde wijtingvangst in het gebied in kwestie. Bij uitputting van dat de-minimisquotum, is het voor die vissersvaartuigen verboden nog gebruik te maken van de-minimis voor wijting uit deze ICES-gebieden.
§9. Het is in de ICES-gebieden II, III, IV voor een vissersvaartuig van het KVS verboden bij de zwarte koolvisvangsten per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 40 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
Het is in de ICES-gebieden II, III, IV voor een vissersvaartuig van het GVS verboden bij de zwarte koolvisvangsten per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 80 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
Voor de vaartdagen waarop het vissersvaartuig actief is met vistuig van de inspanningsgroep TR1, worden de hoeveelheden, vermeld in het tweede lid, verdubbeld.
De beperkingen vermeld in het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing zolang geen 60% van het quotum in kwestie, inclusief quotaruilen, is opgebruikt.
§10. Het is in de ICES-gebieden II, IV voor een vissersvaartuig van het KVS verboden bij de tarbot- en grietvangsten per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 200 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
Het is in de ICES-gebieden II, IV voor een vissersvaartuig van het GVS verboden bij de tarbot en grietvangsten per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 400 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
§11. Het is in de ICES-gebieden VIIb-k, VIII voor een vissersvaartuig van het KVS verboden bij de schelvisvangst een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 40 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
Het is in de ICES-gebieden VIIb-k, VIII voor een vissersvaartuig van het GVS verboden bij de schelvisvangst een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 80 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
Er worden geen vangstbeperkingen voor schelvisvangst in het ICES-gebied VIIa ingesteld.
§12. Het is in de ICES-gebieden II, IV voor een vissersvaartuig van het GVS verboden bij de lengvangsten per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 30 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
De beperkingen, vermeld in het eerste lid, zijn niet van toepassing zolang geen 60% van het quotum in kwestie, inclusief quotaruilen, is opgebruikt.
§13. Het is in de ICES-gebieden IVb-c en VIId, voor een vissersvaartuig verboden bij de horsmakreelvangsten per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 100 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden.
Van zodra 80% van het quotum in de ICES-gebieden IVb-c en VIId is opgevist, is het voor een vissersvaartuig verboden bij de horsmakreelvangsten per zeereis een hoeveelheid te overschrijden die gelijk is aan 50 kg, vermenigvuldigd met het aantal vaartdagen, gerealiseerd tijdens die zeereis in die ICES-gebieden. De reders zullen, van zodra de 80% is bereikt in de ICES-gebieden IVb-c of VIId, hiervan per e-mail op de hoogte worden gebracht.
Artikel 26.
Dit artikel is nog niet in werking getreden
Artikel 27. ( 01/02/2023 - ... )
§1. Onverminderd de bepalingen van artikel 26 worden de opbrengsten van de overschrijdingen van de maximum toegekende valoriseerbare hoeveelheden onder de vorm van dagplafonds vermeld in artikel 25, paragrafen 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 9, 10, 11, 12 en 13 ingehouden ten voordele van de rekening voor opvangvis van de producentenorganisatie Rederscentrale.
§2. Voor de uitvoering van de bepalingen van dit artikel verzorgt de producentenorganisatie Rederscentrale toezicht uit in de visafslagen volgens de modaliteiten die met de bevoegde entiteit zijn overeengekomen in het kader van Verordening (EU) nr. 1379/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 houdende een gemeenschappelijke marktordening voor visserijproducten en aquacultuurproducten.
Er wordt met gemiddelde forfaitaire prijzen gewerkt, gebaseerd op de gemiddelde marktprijzen 2022.
Artikel 28. ( 01/01/2023 - ... )
§1. Bij overtreding van artikelen 10 tot en met 12, en van artikelen 14 tot en met 25, of bij overtreding van de beperkingen aangebracht aan de visvergunningen, kan de visvergunning die aan het vissersvaartuig werd afgeleverd, voor een periode van minstens vijf opeenvolgende dagen worden ingetrokken.
De bevoegde entiteit neemt deze beslissing tot intrekking van de visvergunning en deelt ze mee aan de eigenaar van het vissersvaartuig per aangetekende brief. De intrekking treedt in werking op de derde dag die volgt op de dag van de notificatie. Tijdens de periode van intrekking moet het vissersvaartuig inactief in een Belgische vissershaven liggen. Het maximum aantal vaartdagen, vermeld in artikel 12, wordt verminderd met het aantal dagen waarop de visvergunning ingetrokken was.
§2. Als de toegewezen vangstmogelijkheden, vermeld in artikel 14 tot en met 25 door het vissersvaartuig worden overschreden, wordt de mate van overschrijding uitgedrukt in kilogram, vermenigvuldigd met een coëfficiënt van 1,2, in mindering gebracht op de vangstmogelijkheden die aan dat vaartuig in de overeenkomstige periode van het jaar 2024 worden toegewezen.
De bevoegde entiteit deelt de berekende vermindering op de vangstmogelijkheden mee aan de eigenaar van het betrokken vissersvaartuig per aangetekende brief.
Artikel 29. ( 01/01/2023 - ... )
§1. Voor alle visserijproducten die door Belgische vissersvaartuigen worden aangeland en waarvoor een vervoersdocument in toepassing van artikel 68 van verordening (EG) nr. 1224/2009 noodzakelijk is, legt de vervoerder binnen 4 uur na het laden een vervoersdocument voor aan de bevoegde autoriteiten van de lidstaat op het grondgebied waarvan de aanlanding heeft plaatsgevonden en aan de Belgische bevoegde autoriteiten.
§2. In het kader van de traceerbaarheid, moeten alle kisten of bennen met visserijproducten voldoen aan alle informatie en etiketteringsvereisten van artikel 58, lid 5, van verordening (EG) nr. 1224/2009. Daarbij moeten zij tevens het vistripidentificatienummer uit het elektronisch logboek vermelden.
Artikel 30. ( 01/01/2023 - ... )
Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2023. Het houdt op van kracht te zijn op 1 januari 2024, met uitzondering van de artikelen 3, 10, 11, 13, 27, 28 en 29.
Vlaamse Codex, officiële website van de Vlaamse Overheid - https://codex.vlaanderen.be
Geconsolideerde versie die geldt op 15/08/2026