| Datum staatsblad | 27/06/2019 |
| Pagina staatsblad | 65986 |
| Datum inwerkingtreding | 01/01/2021 |
| Type | Datum | Opschrift | Datum BS | Pagina BS |
|---|---|---|---|---|
| Gewijzigd bij | 21/05/2021 | Decreet tot wijziging van diverse decreten over welzijn, volksgezondheid en gezin | 18/06/2021 | 63851 |
| Gewijzigd bij | 06/05/2022 | Decreet tot wijziging van het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten, wat betreft de betalingsregeling en de overgangsbepalingen | 13/06/2022 | 50341 |
| Gewijzigd bij | 19/04/2024 | Decreet tot wijziging van het decreet van 20 april 2012 houdende de organisatie van kinderopvang van baby's en peuters en het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten | 08/05/2024 | 51856 |
| Gewijzigd bij | 21/11/2025 | Decreet tot wijziging van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie, het decreet van 7 december 2007 houdende de oprichting van een Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en (Kandidaat-)pleegzorgers en het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten | 05/12/2025 | 91096 |
| Zie ook | 16/10/2020 | Besluit van de Vlaamse Regering over het lokaal beleid buitenschoolse opvang en activiteiten en over overgangsbepalingen | 25/11/2020 | 83017 |
| Zie ook | 09/07/2021 | Besluit van de Vlaamse Regering over het lokaal beleid, de samenwerking en de subsidie voor buitenschoolse opvang en activiteiten | 23/08/2021 | 90448 |
| Zie ook | 05/09/2025 | Besluit van de Vlaamse Regering tot toekenning van een eenmalige subsidie voor de realisatie van de lokale regie van buitenschoolse activiteiten | 24/09/2025 | 73036 |
| Wijzigt | 30/04/2004 | Decreet tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid [Opgroeien regie] | 07/06/2004 | 43017 |
| Wijzigt | 07/12/2007 | Decreet [houdende de oprichting van [...] een Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en (Kandidaat-)pleegzorgers] | 21/12/2007 | 64973 |
| Wijzigt | 09/07/2021 | Besluit van de Vlaamse Regering over het lokaal beleid, de samenwerking en de subsidie voor buitenschoolse opvang en activiteiten | 23/08/2021 | 90448 |
Artikel 1. ( 01/01/2021 - ... )
Dit decreet regelt een gemeenschapsaangelegenheid.
Artikel 2. ( 01/01/2026 - ... )
Relaties naar artikelen
| Type | Datum | Opschrift | Art. |
|---|---|---|---|
| Gewijzigd bij | 21/05/2021 | Decreet tot wijziging van diverse decreten over welzijn, volksgezondheid en gezin | 96. |
| Gewijzigd bij | 21/11/2025 | Decreet tot wijziging van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie, het decreet van 7 december 2007 houdende de oprichting van een Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en (Kandidaat-)pleegzorgers en het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten | 5. |
Inhoud
In dit decreet wordt verstaan onder:
1° agentschap: het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie, dat is opgericht bij artikel 3 van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie;
1°/1 buitenschoolse activiteiten: het geheel van formeel georganiseerde activiteiten voor kinderen, met inbegrip van de kleuteropvang en de opvang lager onderwijs;
2° gebruikers: ouders en andere opvoedingsverantwoordelijken, en hun kinderen;
3° kleuteropvang: opvang die wordt georganiseerd voor kinderen die naar de kleuterschool, vermeld in artikel 5 van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, kunnen gaan en nog niet naar het lager onderwijs, vermeld in artikel 6, § 1, van hetzelfde decreet, gaan;
4° ...
5° kinderen: kinderen vanaf de leeftijd waarop ze naar de kleuterschool, vermeld in artikel 3, 26°, van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, kunnen gaan;
6° lokaal bestuur: het gemeentebestuur en het bestuur van het Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn of, wat het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad betreft, de Vlaamse Gemeenschapscommissie;
7° meerjarenplanning: de meerjarenplanning, vermeld in artikel 254 en 255 van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur;
8° opvang lager onderwijs: de activiteiten voor kinderen die naar het lager onderwijs, vermeld in artikel 6, § 1, van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, gaan, met uitzondering van de activiteiten van het jeugdwerk of van de sportverenigingen;
9° organisator: de natuurlijke persoon of de rechtspersoon die een aanbod van buitenschoolse activiteiten organiseert.
Onder meer de volgende activiteiten worden niet beschouwd als buitenschoolse activiteiten en vallen bijgevolg niet onder de toepassing van dit decreet:
1° het verstrekken van onderwijs of het organiseren van middagopvang op school, met uitzondering van het deeltijds kunstonderwijs;
2° het aanbieden van dagbesteding of begeleiding in internaten of semi-internaten;
3° het verlenen van jeugdhulp als vermeld in artikel 2, § 1, 30°, van het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp;
4° het bieden van exclusieve zorg aan kinderen met een handicap;
5° het bieden van gezondheidszorg aan kinderen;
6° het passen op kinderen van klanten of bezoekers.
Artikel 3. ( 01/01/2021 - ... )
De Vlaamse overheid beoogt een geïntegreerd aanbod van buitenschoolse activiteiten voor kinderen via samenwerking tussen relevante actoren en met een regierol voor de lokale besturen. Zo draagt ze bij tot de verwezenlijking van de rechten van het kind.
Dit decreet regelt de organisatie van buitenschoolse opvang, meer bepaald kleuteropvang en opvang lager onderwijs, en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten vanuit de volgende doelstellingen:
1° kinderen ontplooiingskansen en speelmogelijkheden aanbieden buiten de schooluren en buiten de middagopvang op school;
2° ouders de kans geven om te participeren aan de arbeidsmarkt of om een opleiding te volgen;
3° sociale cohesie en gelijke kansen bevorderen.
Artikel 4. ( 01/01/2026 - ... )
Relaties naar artikelen
| Type | Datum | Opschrift | Art. |
|---|---|---|---|
| Gewijzigd bij | 21/11/2025 | Decreet tot wijziging van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie, het decreet van 7 december 2007 houdende de oprichting van een Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en (Kandidaat-)pleegzorgers en het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten | 6. |
Inhoud
Het lokaal bestuur neemt de regie op van buitenschoolse activiteiten en vervult daartoe de volgende opdrachten:
1° het ontwikkelen van een lokaal beleid dat rekening houdt met de doelstellingen, vermeld in artikel 3, tweede lid, en dat deel uitmaakt van de meerjarenplanning;
2° het beslissen over de besteding en de verdeling van de beschikbare financiële, personele, logistieke en infrastructurele middelen, waaronder de subsidie, vermeld in artikel 12.
3° de erkenning, het toezicht en de handhaving met betrekking tot het lokaal aanbod van buitenschoolse activiteiten.
Als er aanwijzingen bestaan dat de veiligheid of gezondheid van kinderen mogelijk in het gedrang komt én het door het lokaal bestuur georganiseerde toezicht onvoldoende is om te beslissen over de noodzaak van handhaving, kan het lokaal bestuur Zorginspectie verzoeken om een toezicht ter plaatse uit te voeren.
Voor de toepassing van het tweede lid wordt onder Zorginspectie verstaan: Zorginspectie, als vermeld in artikel 4, §2, derde lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2023 betreffende het Departement Zorg. Zorginspectie oefent haar toezicht uit overeenkomstig het decreet van 19 januari 2018 houdende het overheidstoezicht in het kader van het gezondheids- en welzijnsbeleid. Het toezicht ter plaatse kan zowel aangekondigd als onaangekondigd plaatsvinden.
Het lokaal bestuur realiseert de opdrachten, vermeld in het eerste lid, in samenspraak met actoren die relevant zijn voor buitenschoolse activiteiten. Het lokaal bestuur realiseert die opdrachten op basis van de behoeften van de gebruikers. Het lokaal bestuur bekijkt daarbij de toegankelijkheid en heeft bijzondere aandacht voor kleuters, kwetsbare gezinnen en kinderen met een specifieke zorgbehoefte, en voor het stimuleren van het multifunctioneel en efficiënt gebruik van infrastructuur.
De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels en stelt vast wat wordt verstaan onder meerjarenplanning voor de Vlaamse Gemeenschapscommissie.
Artikel 5. ( 01/01/2021 - ... )
Het lokaal bestuur kan een lokaal beleid als vermeld in artikel 4 ontwikkelen in samenwerking met andere lokale besturen.
Artikel 6. ( 01/01/2021 - ... )
Het lokaal bestuur treedt neutraal op bij de toepassing van de opdrachten, vermeld in artikel 4, onder andere door het scheiden van de rol van lokale regisseur en de rol van organisator die het eventueel opneemt.
De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels.
Artikel 7. ( 01/01/2021 - ... )
Binnen het grondgebied van het lokaal bestuur wordt er samengewerkt in één lokaal samenwerkingsverband, dat divers is samengesteld uit actoren die relevant zijn voor buitenschoolse activiteiten.
De deelname aan het lokaal samenwerkingsverband mag geen voorwaarde zijn voor erkenning of voor financiële, personele, logistieke of infrastructurele ondersteuning van actoren door het lokaal bestuur.
In afwijking van het eerste lid is er één gezamenlijk lokaal samenwerkingsverband voor het grondgebied van de gemeenten waarvoor lokale besturen samenwerken met toepassing van artikel 5.
Artikel 8. ( 01/01/2021 - ... )
Het lokaal bestuur neemt het initiatief voor het lokaal samenwerkingsverband en organiseert het.
In afwijking van het eerste lid kan het lokaal bestuur de organisatie van het lokaal samenwerkingsverband volledig of gedeeltelijk overlaten aan een of meer andere actoren die relevant zijn voor buitenschoolse activiteiten.
Bij gebrek aan initiatief van het lokaal bestuur kunnen een of meer andere actoren die relevant zijn voor buitenschoolse activiteiten, het initiatief nemen voor het lokaal samenwerkingsverband.
Actoren treden neutraal op, onder andere door het scheiden van hun rol bij de uitvoering van opdrachten als vermeld in het eerste tot en met het derde lid, en hun eventuele rol van organisator.
De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels voor de voorwaarden waaronder een of meer andere actoren dan het lokaal bestuur vanuit het principe van een gelijke behandeling het initiatief kunnen nemen voor het lokaal samenwerkingsverband of de organisatie ervan kunnen overnemen, en voor de scheiding van de rol van actor en organisator.
Artikel 9. ( 01/01/2026 - ... )
Relaties naar artikelen
| Type | Datum | Opschrift | Art. |
|---|---|---|---|
| Gewijzigd bij | 21/11/2025 | Decreet tot wijziging van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie, het decreet van 7 december 2007 houdende de oprichting van een Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en (Kandidaat-)pleegzorgers en het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten | 7. |
Inhoud
Het lokaal samenwerkingsverband heeft de volgende opdrachten:
1° het adviseren van het lokaal bestuur bij de opdrachten, vermeld in artikel 4, en uitvoeren van de meerjarenplanning, vermeld in artikel 4, eerste lid, 1° ;
2° het ontwikkelen van gezamenlijke operationele doelstellingen en het coördineren van operationele acties binnen de beschikbare middelen, vermeld in artikel 4, eerste lid, 2°.
Het lokaal samenwerkingsverband realiseert de opdrachten, vermeld in het eerste lid, in samenspraak met andere actoren die relevant zijn voor buitenschoolse activiteiten, rekening houdend met de doelstellingen, vermeld in artikel 3, tweede lid.
Het lokaal samenwerkingsverband stimuleert het gebruik van het Nederlands als verbindende taal.
De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels over de opdrachten van het lokaal samenwerkingsverband.
Artikel 10. ( 01/01/2026 - ... )
Relaties naar artikelen
| Type | Datum | Opschrift | Art. |
|---|---|---|---|
| Vervangen bij | 21/11/2025 | Decreet tot wijziging van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie, het decreet van 7 december 2007 houdende de oprichting van een Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en (Kandidaat-)pleegzorgers en het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten | 8. |
Inhoud
De Vlaamse Regering voorziet in samenspraak met relevante actoren en rekening houdend met de doelstellingen, vermeld in artikel 3, tweede lid, voor de volgende elementen:
1° een inspiratiekader om een geïntegreerd aanbod van buitenschoolse activiteiten te realiseren;
2° een subsidie aan instanties die ondersteuning bieden om een geïntegreerd aanbod van buitenschoolse activiteiten te realiseren.
Onder inspiratiekader wordt verstaan: een hulpmiddel om lokale besturen en partners van buitenschoolse activiteiten te ondersteunen bij het lokaal beleid over buitenschoolse activiteiten.
De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels over de uitvoering van het inspiratiekader en de subsidie voor ondersteuning.
Artikel 11. ( 01/09/2026 - ... )
Relaties naar artikelen
| Type | Datum | Opschrift | Art. |
|---|---|---|---|
| Opgeheven bij | 21/11/2025 | Decreet tot wijziging van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie, het decreet van 7 december 2007 houdende de oprichting van een Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en (Kandidaat-)pleegzorgers en het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten | 9. |
Inhoud
....
Artikel 11/1. ( 01/01/2026 - ... )
Relaties naar artikelen
| Type | Datum | Opschrift | Art. |
|---|---|---|---|
| Ingevoegd bij | 21/11/2025 | Decreet tot wijziging van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie, het decreet van 7 december 2007 houdende de oprichting van een Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en (Kandidaat-)pleegzorgers en het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten | 10. |
Inhoud
Het erkend aanbod buitenschoolse activiteiten, vermeld in artikel 4, eerste lid, 3°, van dit decreet, voldoet minstens aan de voorwaarden met betrekking tot:
1° het organisatorisch beleid, inclusief het beleidsvoerend vermogen;
2° het pedagogisch beleid, inclusief:
a) het aangaan van kwaliteitsvolle interacties tussen de medewerkers en de kinderen;
b) het gebruik van het Nederlands als verbindende taal en het stimuleren van de kennis van het Nederlands;
3° het medewerkersbeleid, inclusief:
a) dat medewerkers de nodige competenties hebben;
b) dat medewerkers voldoende kennis van het Nederlands hebben;
c) dat de organisator bij de aanstelling van elke persoon die werkt in de locatie buitenschoolse activiteiten, het goed en zedelijk gedrag van de betrokkene controleert. Het goed en zedelijk gedrag omvat minstens een onberispelijk gedrag in de omgang met minderjarigen. Artikel 3, tweede tot en met vijfde lid, artikel 4, eerste lid, en artikel 5 van het decreet van 3 juni 2022 houdende de verplichting voor bepaalde organisaties om een uittreksel uit het strafregister als vermeld in artikel 596, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, te controleren voor bepaalde nieuwe medewerkers, zijn daarbij van toepassing. Daarenboven beschikt de organisator over een uittreksel uit het centraal strafregister op naam van de rechtspersoon die de locatie buitenschoolse activiteiten uitbaat;
4° de toegankelijkheid, minstens bijzondere aandacht voor kleuters, kwetsbare gezinnen en kinderen met een specifieke zorgbehoefte;
5° de monitoring en evaluatie;
6° de verbondenheid.
Bij de voorwaarden, vermeld in het eerste lid, wordt rekening gehouden met de doelstellingen, vermeld in artikel 3, tweede lid.
Het lokaal bestuur behandelt klachten over het erkend aanbod buitenschoolse activiteiten en legt daarvoor een procedure vast.
Artikel 12. ( 01/01/2026 - ... )
Relaties naar artikelen
| Type | Datum | Opschrift | Art. |
|---|---|---|---|
| Gewijzigd bij | 06/05/2022 | Decreet tot wijziging van het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten, wat betreft de betalingsregeling en de overgangsbepalingen | 2. |
| Gewijzigd bij | 21/11/2025 | Decreet tot wijziging van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie, het decreet van 7 december 2007 houdende de oprichting van een Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en (Kandidaat-)pleegzorgers en het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten | 11. |
Inhoud
De Vlaamse Regering kent, binnen de grenzen van de kredieten die daartoe op de begroting van de Vlaamse Gemeenschap worden ingeschreven, aan de lokale besturen een subsidie toe op basis van de volgende parameters en indicatoren:
1° eerste parameter: het aantal kinderen van 2 tot en met 12 jaar dat gedomicilieerd is binnen de gemeente of ingeschreven is in het verblijfsregister van de gemeente;
2° tweede parameter: het aantal kinderen dat naar een basisschool gaat die op het grondgebied van de gemeente ligt;
3° eerste indicator: de mate waarin het lokaal bestuur kwetsbare gezinnen bereikt;
4° tweede indicator: de mate waarin het lokaal bestuur kinderen met een specifieke zorgbehoefte bereikt.
Het lokaal bestuur besteedt de subsidie, vermeld in het eerste lid, aan de opdrachten, vermeld in artikel 4, eerste lid. Daarbij besteedt het lokaal bestuur minstens 33 procent van de subsidie aan het erkend aanbod buitenschoolse activiteiten specifiek voor kleuters, vermeld in artikel 4, eerste lid, 3°.
De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels voor de toekenning van de subsidie, vermeld in het eerste lid, waaronder de definitie van kwetsbare gezinnen en kinderen met een specifieke zorgbehoefte. De Vlaamse Regering bepaalt ook de wijze waarop de subsidie wordt uitbetaald.
Artikel 13. ( 01/09/2026 - ... )
Relaties naar artikelen
| Type | Datum | Opschrift | Art. |
|---|---|---|---|
| Gewijzigd bij | 06/05/2022 | Decreet tot wijziging van het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten, wat betreft de betalingsregeling en de overgangsbepalingen | 3. |
| Gewijzigd bij | 21/11/2025 | Decreet tot wijziging van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie, het decreet van 7 december 2007 houdende de oprichting van een Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en (Kandidaat-)pleegzorgers en het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten | 12. |
Inhoud
De bepalingen van het decreet van 15 juli 2011 houdende vaststelling van de algemene regels waaronder in de Vlaamse Gemeenschap en het Vlaamse Gewest periodieke plan- en rapporteringsverplichtingen aan lokale besturen kunnen worden opgelegd, zijn van toepassing met uitzondering van artikel 9 van dat decreet.
De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels voor de periodieke plan- en rapporteringsverplichtingen die van toepassing zijn voor de Vlaamse Gemeenschapscommissie.
De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels voor de monitoring van het aanbod en het gebruik, de opvolging en de terugvordering van subsidies.
Artikel 14. ( 01/09/2026 - ... )
Relaties naar artikelen
| Type | Datum | Opschrift | Art. |
|---|---|---|---|
| Gewijzigd bij | 21/05/2021 | Decreet tot wijziging van diverse decreten over welzijn, volksgezondheid en gezin | 98. |
| Gewijzigd bij | 21/11/2025 | Decreet tot wijziging van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie, het decreet van 7 december 2007 houdende de oprichting van een Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en (Kandidaat-)pleegzorgers en het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten | 13. |
Inhoud
§ 1. Het agentschap, de toezichthouders, organisatoren en lokale besturen, verwerken alle noodzakelijke persoonsgegevens over organisatoren, medewerkers, kinderen en hun gezinnen die gebruikmaken van buitenschoolse activiteiten, om de doelstellingen, geformuleerd in artikel 3, te kunnen realiseren.
§ 2. ...
§ 3. ...
§ 4. ...
§ 5. Organisatoren verwerken op vraag van het lokaal bestuur, in het kader van de regie buitenschoolse activiteiten, vermeld in artikel 4, en de toekenning van subsidies, vermeld in artikel 12, de volgende categorieën van persoonsgegevens van de kinderen en hun gezinnen die gebruikmaken van buitenschoolse activiteiten en de medewerkers:
1° identificatiegegevens van de kinderen;
2° gegevens over de gezondheid van de kinderen;
3° gegevens over de kwetsbaarheid van de gezinnen;
4° gegevens over de vraag naar en de deelname van kinderen aan het aanbod buitenschoolse activiteiten;
5° identificatiegegevens, gegevens over de competenties en de voldoende kennis van het Nederlands van medewerkers;
6° gegevens van een recent uittreksel uit het strafregister, vermeld in artikel 596, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, of een gelijkwaardig document voor wie niet in België gedomicilieerd is, waaruit onberispelijk gedrag in de omgang met kinderen blijkt, voor hun medewerkers.
De organisatoren zijn verwerkingsverantwoordelijken voor de bovenvermelde persoonsgegevens. De organisator bezorgt deze persoonsgegevens aan het lokaal bestuur, op vraag van het lokaal bestuur en dit in het kader van hun regie inzake buitenschoolse activiteiten.
De persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid, 1° tot en met 4°, worden bewaard tot vijf jaar nadat het kind geen gebruik meer maakt van buitenschoolse activiteiten bij de betrokken organisator. De persoonsgegevens, vermeld in het eerste lid, 5°, worden bewaard tot vijf jaar nadat de medewerker niet langer verbonden is aan de betrokken organisator.
§ 6. Lokale besturen verwerken met het oog op de vervulling van de regie van buitenschoolse activiteiten, de volgende categorieën van persoonsgegevens over de kinderen en hun gezinnen die gebruikmaken van buitenschoolse activiteiten en medewerkers:
1° identificatiegegevens van de organisator en gegevens over de voorwaarden waaraan deze organisator moet voldoen;
2° de gegevens uit paragraaf 5, eerste lid, 1° tot en met 6°.
Het lokaal bestuur is de verwerkingsverantwoordelijke voor de bovenvermelde persoonsgegevens.
De persoonsgegevens voorzien in het eerste lid, met uitzondering van 6°, worden bewaard tot vijf jaar na de verwerking ervan.
§ 7. Lokale besturen, en desgevallend de actor aangeduid overeenkomstig artikel 8, tweede lid, verwerken met het oog op de organisatie van het lokaal samenwerkingsverband, vermeld in artikel 7, identificatiegegevens van organisatoren, of de persoon die deze vertegenwoordigt, die deel uitmaken van het samenwerkingsverband.
Het lokaal bestuur, desgevallend de aangeduide actor, is de verwerkingsverantwoordelijke voor de bovenvermelde persoonsgegevens.
De persoonsgegevens voorzien in het eerste lid worden bewaard tot vijf jaar na de verwerking ervan.
Artikel 15. ( 01/01/2026 - ... )
Relaties naar artikelen
| Type | Datum | Opschrift | Art. |
|---|---|---|---|
| Vervangen bij | 06/05/2022 | Decreet tot wijziging van het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten, wat betreft de betalingsregeling en de overgangsbepalingen | 4. |
| Gewijzigd bij | 21/11/2025 | Decreet tot wijziging van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie, het decreet van 7 december 2007 houdende de oprichting van een Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en (Kandidaat-)pleegzorgers en het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten | 14. |
Inhoud
Het lokaal bestuur geeft in zijn meerjarenplanning aan wat de gekozen beleidsopties zijn met betrekking tot het continueren van erkend aanbod buitenschoolse activiteiten na afloop van de overgangstermijn, vermeld in artikel 17, eerste lid.
Na afloop van de overgangstermijn, vermeld in artikel 17, eerste lid, wordt minstens 75% van de toegekende subsidie, vermeld in artikel 12, aan de realisatie van erkend aanbod buitenschoolse activiteiten besteed. Dit gedurende een periode van zes jaar.
De Vlaamse Regering bepaalt, voor wat het tweede lid betreft, de nadere regels, minstens de manier waarop het lokaal bestuur deze opdracht opneemt en hierover rapporteert en wat verstaan wordt onder de realisatie van erkend aanbod buitenschoolse activiteiten.
Artikel 16. ( 01/09/2021 - ... )
Relaties naar artikelen
| Type | Datum | Opschrift | Art. |
|---|---|---|---|
| Vervangen bij | 06/05/2022 | Decreet tot wijziging van het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten, wat betreft de betalingsregeling en de overgangsbepalingen | 5. |
Inhoud
Als de Vlaamse Regering gedurende de overgangstermijn, vermeld in artikel 17, eerste lid, een subsidie als vermeld in artikel 12 toekent aan lokale besturen, wordt de bestaande subsidie, vermeld in artikel 17, eerste lid, daarin verrekend en worden de indicatoren, vermeld in artikel 12, eerste lid, 3° en 4°, niet toegepast bij de bepaling van het subsidiebedrag, maar wordt wel rekening gehouden met het kansarmoedepercentage bij de selectie van lokale besturen die in aanmerking komen voor een subsidie.
De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels, minstens hoe de verrekening gebeurt, wat verstaan wordt onder het kansarmoedepercentage en hoe het kansarmoedepercentage meetelt bij de selectie van lokale besturen.
Artikel 17. ( 01/10/2025 - ... )
Relaties naar artikelen
| Type | Datum | Opschrift | Art. |
|---|---|---|---|
| Vervangen bij | 21/11/2025 | Decreet tot wijziging van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie, het decreet van 7 december 2007 houdende de oprichting van een Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en (Kandidaat-)pleegzorgers en het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten | 15. |
| Zie ook | 09/07/2021 | Besluit van de Vlaamse Regering over het lokaal beleid, de samenwerking en de subsidie voor buitenschoolse opvang en activiteiten | 7. |
| Zie ook | 09/07/2021 | Besluit van de Vlaamse Regering over het lokaal beleid, de samenwerking en de subsidie voor buitenschoolse opvang en activiteiten | 8. |
| Zie ook | 24/09/2021 | Besluit van de Vlaamse Regering tot regeling van de bestaande subsidies buitenschoolse opvang en de bijbehorende voorwaarden gedurende een overgangsperiode en tot wijziging van artikel 1, 2 en 3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 15 juli 2016 betreffende subsidiëring van projecten vanuit het vroegere Fonds voor Collectieve Uitrustingen en Diensten en voor personeelsleden met een gewezen gescostatuut (citeeropschrift: "Overgangsbesluit subsidies buitenschoolse opvang van 24 september 2021") | 61. |
Inhoud
De organisator die een subsidie voor aanbod buitenschoolse opvang als vermeld in de onderstaande besluiten ontvangt, behoudt die subsidie gedurende een overgangstermijn van 1 januari 2021 tot en met 31 augustus 2026:
1° het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014 houdende de subsidievoorwaarden voor buitenschoolse gezinsopvang en groepsopvang;
2° het besluit van de Vlaamse Regering van 15 juli 2016 betreffende subsidiëring van projecten vanuit het vroegere Fonds voor Collectieve Uitrusting en Diensten en voor personeelsleden met een gewezen gescostatuut;
3° het besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 houdende de voorwaarden voor de erkenning en de subsidiëring van gemandateerde voorzieningen, coördinatiepunten en flexibele opvangpools van doelgroepwerknemers, de voorwaarden voor de toestemming en de subsidiëring van lokale diensten buurtgerichte buitenschoolse opvang, en de voorwaarden voor een aanvullende subsidie voor organisatoren met een vergunning groepsopvang en een plussubsidie;
4° het besluit van de Vlaamse Regering van 17 maart 2017 betreffende de subsidiëring van de organisatoren kinderopvang en buitenschoolse opvang ter uitvoering van het Vlaams intersectoraal akkoord en de besluiten van de Vlaamse Regering ter uitvoering van het zesde Vlaams Intersectoraal Akkoord van 30 maart 2021.
In afwijking van het eerste lid kan het lokaal bestuur in de volgende gevallen een inkorting van de overgangstermijn aanvragen:
1° tot en met 31 december 2025, op voorwaarde dat de organisatoren daarmee akkoord gaan. In dat geval wordt aan het lokaal bestuur voor de rest van de overgangstermijn, vermeld in het eerste lid, een subsidie toegekend, waarvan het bedrag minstens gelijk is aan de totaliteit van de subsidies van de organisatoren met betrekking tot het grondgebied van de gemeente;
2° vanaf 1 januari 2026, op voorwaarde dat het lokaal bestuur en het lokaal samenwerkingsverband de opdrachten, vermeld in artikel 4 en 9, effectief uitvoeren. In dat geval:
a) kent de Vlaamse Regering een subsidie toe aan het lokaal bestuur voor de rest van de overgangstermijn, vermeld in het eerste lid, op basis van de parameters, vermeld in artikel 12, eerste lid, 1° en 2°;
b) zet het agentschap elk kwaliteitslabel kleuteropvang binnen die gemeente stop.
Lokale besturen die een inkorting van de overgangstermijn hebben aangevraagd, vermeld in het tweede lid, 1°, behouden de subsidie voor de periode van 1 januari 2026 tot en met 31 augustus 2026.
Gedurende de overgangstermijn, die eventueel wordt verkort als vermeld in het tweede lid, behoudt het agentschap de opdracht om de subsidie toe te kennen en uit te betalen aan de organisatoren in kwestie.
Vanaf 1 oktober 2025 kan een organisator geen aanvraag voor een kwaliteitslabel meer indienen bij het agentschap, behalve organisatoren die een locatie overnemen waarvoor er een kwaliteitslabel geldt waarvoor de organisator-overlater een subsidie ontvangt, vermeld in artikel 3 van het Overgangsbesluit subsidies buitenschoolse opvang van 24 september 2021.
Het blijft mogelijk voor een organisator of een kandidaat-organisator om, na overleg met het lokaal bestuur en op voorwaarde van onderlinge toestemming, de gesubsidieerde activiteit volledig of gedeeltelijk over te nemen van een andere organisator.
De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels die van toepassing zijn gedurende de overgangstermijn, minstens met betrekking tot kwetsbare gezinnen en kinderen met een specifieke zorgbehoefte, en met betrekking tot de eventuele inkorting van de overgangstermijn.
Artikel 17/1. ( 01/09/2026 - ... )
Relaties naar artikelen
| Type | Datum | Opschrift | Art. |
|---|---|---|---|
| Ingevoegd bij | 06/05/2022 | Decreet tot wijziging van het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten, wat betreft de betalingsregeling en de overgangsbepalingen | 7. |
| Vervangen bij | 21/11/2025 | Decreet tot wijziging van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie, het decreet van 7 december 2007 houdende de oprichting van een Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en (Kandidaat-)pleegzorgers en het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten | 16. |
Inhoud
Nadat de overgangstermijn, vermeld in artikel 17, eerste lid, is afgelopen, krijgen de lokale besturen van de gemeenten die een subsidieverlies lijden ten opzichte van de subsidies die op grond van artikel 17, eerste lid, aan de organisatoren werden verleend, een compensatie. De compensatie wordt toegekend gedurende een periode van vijf jaar.
Nadat de overgangstermijn, vermeld in artikel 17, eerste lid, is afgelopen, worden de indicatoren, vermeld in artikel 12, eerste lid, 3° en 4°, gedurende een periode van vijf jaar niet toegepast bij de bepaling van het subsidiebedrag. Het subsidiebedrag wordt wel mee gebaseerd op het aandeel kinderen met een sociale toeslag of een zorgtoeslag.
In het tweede lid wordt verstaan onder:
1° kinderen met een sociale toeslag:
a) voor de Vlaamse Gemeenschap: de kinderen, vermeld in artikel 18, tweede lid, 1°, van het Groeipakketdecreet van 2018;
b) voor het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad: de kinderen met een schooltoeslag van wie de gezinsinkomsten lager liggen dan het bedrag, vermeld in artikel 18, tweede lid, 1°, van het voormelde decreet;
2° kinderen met een zorgtoeslag:
a) voor de Vlaamse Gemeenschap: de kinderen, vermeld in artikel 16, §1, van het voormelde decreet;
b) voor het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad: de kinderen die een extra toeslag krijgen voor een kind met een handicap, boven op de kinderbijslag.
De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels voor de uitwerking van de compensatieregeling.
Artikel 18. ( 01/01/2021 - ... )
Relaties naar artikelen
| Type | Datum | Opschrift | Art. |
|---|---|---|---|
| Wijzigt | 30/04/2004 | Decreet tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid [Opgroeien regie] | 2. |
| Wijzigt | 30/04/2004 | Decreet tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid [Opgroeien regie] | 5. |
| Wijzigt | 30/04/2004 | Decreet tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid [Opgroeien regie] | 10. |
| Wijzigt | 30/04/2004 | Decreet tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid [Opgroeien regie] | 12. |
| Voegt in | 30/04/2004 | Decreet tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid [Opgroeien regie] | 8/1. |
| Voegt in | 30/04/2004 | Decreet tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid [Opgroeien regie] | 6/1. |
Inhoud
In het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie, het laatst gewijzigd bij het decreet van 1 maart 2019, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in artikel 2 wordt punt 2° vervangen door wat volgt:
"2° kinderopvang: de kinderopvang, vermeld in artikel 2 van het decreet van 20 april 2012 houdende de organisatie van kinderopvang van baby's en peuters;";
2° aan artikel 2 worden een punt 12° tot en met 14° toegevoegd, die luiden als volgt:
"12° buitenschoolse activiteiten: de buitenschoolse activiteiten, vermeld in artikel 2, 1°, van het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten;
13° kleuteropvang: de kleuteropvang, vermeld in artikel 2, 3°, van het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten;
14° opvang lager onderwijs: de opvang lager onderwijs, vermeld in artikel 2, 8°, van het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten.";
3° aan artikel 5, § 1, 1°, wordt een punt i) toegevoegd, dat luidt als volgt:
"i) de buitenschoolse activiteiten.";
4° in artikel 5, § 2, wordt de zinsnede "de in paragraaf 1, 1°, a) tot en met h), vermelde domeinen" vervangen door de zinsnede "de in paragraaf 1, 1°, a) tot en met i), vermelde domeinen";
5° er wordt een artikel 6/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 6/1. De taak inzake de regie van buitenschoolse activiteiten omvat in elk geval de toekenning van een kwaliteitslabel aan organisatoren van kleuteropvang en het handhaven van de kwaliteitsvoorwaarden zoals vermeld in het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten.
Het agentschap kan in opdracht van de Vlaamse Regering volledig of gedeeltelijk worden belast met het toezicht op de naleving van de kwaliteitsvoorwaarden die bij het kwaliteitslabel behoren.
Het agentschap kan meewerken aan het ontwikkelen van het inspiratiekader voor een geïntegreerd aanbod van buitenschoolse activiteiten.";
6° er wordt een artikel 8/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 8/1. Het agentschap ondersteunt organisatoren en actoren die relevant zijn voor kinderopvang, kleuteropvang, opvang lager onderwijs en preventieve gezinsondersteuning. Het agentschap kan daarvoor samenwerken met andere instanties.
De Vlaamse Regering bepaalt daarvoor de nadere regels.";
7° in artikel 10 wordt in het eerste, tweede en zesde lid de zinsnede "vermeld in artikel 5, 6, 7, 7/1, 7/2, 7/3 en 8" vervangen door de zinsnede "vermeld in artikel 5, 6, 6/1, 7, 7/1, 7/2, 7/3, 8 en 8/1";
8° in artikel 12 wordt de zinsnede "vermeld in artikel 5, 6, 7, 7/1, 7/2, 7/3 en 8" vervangen door de zinsnede "vermeld in artikel 5, 6, 6/1, 7, 7/1, 7/2, 7/3, 8 en 8/1".
Artikel 19. ( 01/01/2021 - ... )
Relaties naar artikelen
| Type | Datum | Opschrift | Art. |
|---|---|---|---|
| Wijzigt | 07/12/2007 | Decreet [houdende de oprichting van [...] een Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en (Kandidaat-)pleegzorgers] | 12. |
Inhoud
In artikel 12 van het decreet van 7 december 2007 houdende de oprichting van een Adviescommissie voor Voorzieningen van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en (Kandidaat-)pleegzorgers worden in het tweede lid de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in punt 1° wordt de zinsnede "een toelating," vervangen door de zinsnede "een kwaliteitslabel, een toelating,";
2° in punt 2° wordt de zinsnede "een toelating," vervangen door de zinsnede "een kwaliteitslabel, een toelating,".
Artikel 20. ( 01/01/2021 - ... )
Dit decreet treedt in werking op 1 januari 2021.
De Vlaamse Regering kan voor ieder artikel van dit decreet een datum voor inwerkingtreding bepalen die voorafgaat aan de datum, vermeld in het eerste lid.
Vlaamse Codex, officiële website van de Vlaamse Overheid - https://codex.vlaanderen.be
Geconsolideerde versie die geldt op 22/09/2026