Decreet houdende machtiging van de Vlaamse regering om toe te treden tot en om mee te werken aan de oprichting van de vereniging zonder winstgevend doel Vlaams Audiovisueel Fonds

Datum 13/04/1999

Versie geldig op 01/09/2020

Inhoud

Artikel 1. (... - ...)

Dit decreet regelt een gemeenschapsaangelegenheid.

Artikel 2. (... - ...)

De Vlaamse regering wordt gemachtigd om onder de voorwaarden bepaald in dit decreet toe te treden tot en mee te werken aan de oprichting van de vereniging zonder winstgevend doel "Vlaams Audiovisueel Fonds", hierna "de vereniging" te noemen.

Artikel 3. (01/01/2014- ...)

§ 1. De vereniging heeft tot doel:
1° binnen de Vlaamse Gemeenschap de professionele, onafhankelijke Vlaamse audiovisuele creatie te stimuleren, met uitzondering van audiovisuele creaties als onderdeel van een ruimer artistiek geheel, en multimediale installaties waarin, naast andere, ook audiovisuele middelen worden gebruikt.
Onder audiovisuele creatie wordt verstaan: het technische en intellectuele proces van het concipiëren, ontwikkelen en tot stand brengen van een autonoom audiovisueel werk, meer bepaald een film, een tv-reeks of een interactief werk.
Onder onafhankelijke creatie wordt verstaan: geproduceerd door een onafhankelijke producent zoals vermeld in artikel 2, 49°, van het decreet van 27 maart 2009 betreffende radio-omroep en televisie, of ontwikkeld door een onafhankelijke gameontwikkelaar;
2° de promotie van onafhankelijke Vlaamse audiovisuele werken te bevorderen;
3° binnen de Vlaamse Gemeenschap de audiovisuele cultuur, met name de kennis van, de participatie in en de vertoning van cultureel waardevolle audiovisuele werken, te bevorderen;
4° binnen de Vlaamse Gemeenschap kortlopende ad-hocvormingsinitiatieven te steunen; daarmee worden bedoeld kortlopende initiatieven, gericht op de voortgezette vorming van professionelen, met uitzondering van het reguliere onderwijs en beroeps- en ondernemersopleidingen.

§ 2. Met behoud van de toepassing van artikel 6, kan de vereniging, met het oog op het realiseren van de in paragraaf 1 vermelde doelstellingen, financiële tegemoetkomingen toekennen aan natuurlijke personen van elke nationaliteit, die gedomicilieerd zijn, permanent resideren of hun beroep uitoefenen in de Europese Unie en aan rechtspersonen waarvan de maatschappelijke zetel of een permanent agentschap is gevestigd in België. De vereniging kan met dezelfde doelstellingen ook zelf initiatieven van niet-commerciële aard ontwikkelen.

Zij houdt rekening met kwaliteit, diversiteit, culturele uitstraling en bereik.

§ 3. De vereniging kan ondersteuning verstrekken voor onder meer:
1° vorming: met name kan zij vormingsinitiatieven en ateliers steunen of zelf organiseren, beurzen toekennen en representatieve beroepsorganisaties ondersteunen;
2° de creatie van een audiovisueel werk: hetzij selectieve steun, met name scenariosteun, ontwikkelingssteun of productiesteun, hetzij automatische steun voor de realisatie van een volgend werk;
3° promotie: zijnde subsidies voor de ondersteuning van de binnen- en buitenlandse promotie van een werk en premies ter bevordering van de buitenlandse distributie van een onafhankelijk Vlaams audiovisueel werk;
4° projectmatige of structurele subsidies aan audiovisuele festivals, culturele vertoners en distributie-initiatieven, publicaties en educatieve organisaties.

Artikel 4. (01/01/2019- ...)

§ 1. De statuten van de vereniging en de wijzigingen ervan worden door de Vlaamse Regering meegedeeld aan het Vlaams Parlement.

De leden van de raad van bestuur van de vereniging worden voor een termijn van drie jaar benoemd door de algemene vergadering, op voordracht van de Vlaamse Regering of, wat betreft de onafhankelijke bestuurders, op voordracht van de raad van bestuur conform artikel III.41 van het Bestuursdecreet van 7 december 2018. Een bestuurder kan maximaal drie opeenvolgende termijnen vervullen.

In de raad van bestuur is generieke deskundigheid op het terrein van de audiovisuele sector vertegenwoordigd, alsook deskundigheid op juridisch, financieel, cultureel en artistiek gebied.

§ 2. Behalve voor aanvragen voor beurzen en promotiesteun, doet de vereniging voor de beoordeling en selectie van steunaanvragen een beroep op adviezen van externe deskundigen, in voorkomend geval georganiseerd in de vorm van beoordelingscommissies. In overeenstemming met de beheersovereenkomsten, vermeld in artikel 6, bepaalt zij daarvan de samenstelling, de nadere bevoegdheden en de procedureregels en houdt zij daarbij in het bijzonder rekening met deskundigheid en vermijdt belangenconflicten.

In overeenstemming met de beheersovereenkomsten, vermeld in artikel 6, stelt de vereniging een reglement op voor de indiening, de beoordeling en de selectie van de subsidieaanvragen en voor een behandeling van de bezwaren. Dat reglement wordt gepubliceerd op de website van de vereniging.

§ 3. De Vlaamse Regering stelt afgevaardigden aan. Voor elke extra opdracht die overeenkomstig artikel 7, § 4, aan de vereniging wordt toegekend, kan de Vlaamse Regering een extra afgevaardigde aanstellen.

De afgevaardigden houden toezicht op het door de vereniging gevoerde beleid, zowel inhoudelijk als financieel, en op de overeenstemming met de regelgeving, de statuten en de beheersovereenkomsten of de beginselen van behoorlijk bestuur. Ze zetelen met raadgevende stem in de vergaderingen van de bestuursorganen van de vereniging. Ze worden uitgenodigd op alle vergaderingen van die bestuursorganen en worden op dezelfde manier als de leden ervan in kennis gesteld van de agenda en van alle bijbehorende documenten. Ze zijn gemachtigd om zich alle documenten en inlichtingen over het bestuur van de vereniging te laten verstrekken die zij nodig achten voor de uitoefening van hun mandaat. De vereniging stelt de middelen die nodig zijn voor de uitoefening van hun mandaat, ter beschikking van de afgevaardigden.

De nadere regelen voor het toezicht door de Vlaamse Gemeenschap worden uitgewerkt in de beheersovereenkomsten, vermeld in artikel 6.

§ 4. Tussen de vereniging en andere overheden of rechtspersonen kunnen samenwerkingsovereenkomsten worden afgesloten voor zover die kunnen bijdragen tot het realiseren van de doelstellingen van de vereniging. Die samenwerkingsovereenkomsten worden meegedeeld aan de Vlaamse Regering.

Artikel 5. (... - ...)

De middelen van de vereniging zijn:

1° de jaarlijkse financiële tegemoetkoming ten laste van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap;

2° ontvangsten voortvloeiend uit de terugbetalingen van toegekende financiële tegemoetkomingen;

3° het eventuele begrotingssaldo van het voorgaande jaar;

4° schenkingen en legaten;

5° andere baten.

Artikel 6. (01/01/2014- ...)

Tussen de Vlaamse Gemeenschap en de vereniging worden een of meer beheersovereenkomsten gesloten waarin onder meer wordt bepaald:
1° de jaarlijkse financiële tegemoetkoming ten laste van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap;
2° de verschillende audiovisuele domeinen die voor financiële tegemoetkomingen in aanmerking komen;
3° de verdeling van de middelen over de personeelskosten en de werkingskosten en over verschillende audiovisuele domeinen en de bedragen en de regelingen ter zake;
4° met behoud van de toepassing van artikel 4, § 2, de objectieve procedures, de regels en de voorwaarden voor de toekenning van financiële tegemoetkomingen;
5° de doelstellingen van de vereniging waarop de overeenkomst betrekking heeft, en de performantiemaatstaven die daaraan verbonden zijn;
6° het beheer en de werking van de vereniging;
7° met behoud van de toepassing van artikel 4, § 3, het toezicht door de Vlaamse Gemeenschap op het gebruik van de middelen die in het kader van de overeenkomst ter beschikking zijn gesteld, en op de realisatie door de vereniging van de doelstellingen en de performantiemaatstaven, vermeld in punt 5° ;
8° de maatregelen bij niet-naleving door een partij van haar verbintenissen die voortvloeien uit de beheersovereenkomst.

Artikel 7. (27/05/2019- ...)

§ 1. De beheersovereenkomsten worden gesloten voor een periode van minimaal drie en maximaal vijf jaar.

§ 2. Uiterlijk zes maanden voor het verstrijken van elke beheersovereenkomst legt de vereniging een ontwerp van beheersovereenkomst voor de volgende periode voor aan de Vlaamse Regering. Als bij het verstrijken van een beheersovereenkomst geen nieuwe beheersovereenkomst in werking is getreden, wordt, behalve in geval van de opzegging door de Vlaamse Regering, de beheersovereenkomst van rechtswege verlengd tot het ogenblik dat een nieuwe beheersovereenkomst in werking is getreden.

§ 3. Elke ontwerp-beheersovereenkomst en elke wijziging en verlenging ervan wordt ter bespreking voorgelegd aan het Vlaams Parlement en aan de Raad voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media.

§ 4. De Vlaamse Regering kan aan de vereniging aanvullende opdrachten waaronder adviesopdrachten, toekennen die aansluiten bij het doel van de vereniging, vermeld in artikel 3. De Vlaamse Regering neemt dat op in de beheersovereenkomsten of in een afzonderlijke overeenkomst met de vereniging.

Artikel 8. (01/01/2014- ...)

De vereniging brengt aan de Vlaamse regering een jaarlijks rapport uit vóór 1 juni, betreffende de evaluatie van de uitvoering van de beheersovereenkomsten gedurende het afgelopen kalenderjaar.

Het jaarlijks rapport, bedoeld in het eerste lid, wordt door de Vlaamse regering voorgelegd aan het Vlaams Parlement vóór 30 september.

Artikel 9. (... - ...)

De vereniging stelt een beëdigd bedrijfsrevisor aan die jaarlijks haar financiële toestand, haar jaarrekening en de regelmatigheid van haar financiële verrichtingen controleert.

Artikel 10. (... - ...)

De Vlaamse regering kan aan de vereniging infrastructuur ter beschikking stellen. Het voorwerp en de voorwaarden van die terbeschikkingstelling worden geregeld in een overeenkomst gesloten tussen de Vlaamse Gemeenschap en de vereniging. Indien die terbeschikkingstelling door de Vlaamse regering wordt opgezegd, kan de vereniging hiervoor geen schadevergoeding eisen vanwege de Vlaamse Gemeenschap.

Artikel 11. (01/01/2014- ...)

De Vlaamse Regering kan aan de vereniging personeel ter beschikking stellen. De voorwaarden worden geregeld in een overeenkomst tussen de Vlaamse Gemeenschap en de vereniging.

Artikel 12. (01/01/2014- ...)

...

Artikel 13. (01/01/2014- ...)

De vereniging aanvaardt het toezicht van de Vlaamse Gemeenschap. De regeling van dat toezicht wordt nader omschreven in de beheersovereenkomsten, zoals bedoeld in artikel 6.

Artikel 14. (... - ...)

(niet opgenomen)

(Heft de artikelen 3, 4, 5, 6, 8, 9 en 10 van het decreet van 22 december 1993 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 1994 op)

Artikel 15. (... - ...)

Met uitzondering van artikel 14, treedt dit decreet in werking op de datum van bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad. De Vlaamse regering bepaalt de datum van inwerkingtreding van artikel 14.

(Artikel 14 is in werking getreden op 1 november 2002. Zie B.V.R. 25 oktober 2002, B.S., 28 november 2002)