Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de administratieve geldboete voor het overtreden van een [... (opgeh. BVR 9 februari 2018, art. 32, I: 1 maart 2018)] stakingsbevel

Datum 28/04/2000

Inhoudstafel

  1. HOOFDSTUK I ALGEMENE BEPALINGEN
  2. HOOFDSTUK II HET OPLEGGEN VAN DE ADMINISTRATIEVE GELDBOETE
  3. HOOFDSTUK III BEHANDELING VAN HET VERZOEK TOT KWIJTSCHELDING, VERMINDERING OF UITSTEL VAN BETALING
  4. HOOFDSTUK IV DE INVORDERING VAN DE ADMINISTRATIEVE GELDBOETE
  5. HOOFDSTUK V SLOTBEPALINGEN

Inhoud

HOOFDSTUK I ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1. (01/03/2018- ...)

Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:
1° ...
2° proces-verbaal: het proces-verbaal, opgesteld door een bevoegd verbalisant, waarin de inbreuk op een stakingsbevel, uitgevaardigd op grond van artikel 6.1.47 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, zoals van toepassing vóór de inwerkingtreding van artikel 83 en 116 van het decreet van 25 april 2014 betreffende de handhaving van de omgevingsvergunning, wordt vastgesteld;
3° bevoegd verbalisant: een agent of officier van gerechtelijke politie, een stedenbouwkundig inspecteur of een ander ambtenaar, bedoeld in artikel 6.1.5 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, zoals van toepassing vóór de inwerkingtreding van artikel 20 en 36 van het decreet van 25 april 2014 betreffende de handhaving van de omgevingsvergunning.

HOOFDSTUK II HET OPLEGGEN VAN DE ADMINISTRATIEVE GELDBOETE

Artikel 2. (01/03/2018- ...)

§ 1. ...

§ 2. De bevoegde verbalisant stuurt een door hem eensluidend verklaard afschrift van het proces-verbaal naar de rekenplichtige ambtenaar van het Grondfonds, vermeld in paragraaf 1.

Het proces-verbaal bevat minstens de volgende vaststellingen:
1° de identiteit van de persoon of personen die handelingen, werken of wijzigingen heeft of hebben voortgezet in strijd met het stakingsbevel;
2° een omschrijving van de handelingen, werken of wijzigingen die werden voortgezet in strijd met het stakingsbevel;
3° de redenen waarom de onder 2° vermelde handelingen, werken of wijzigingen strijdig zijn met het stakingsbevel;
4° een verwijzing naar artikel 6.1.47 tot en met 6.1.50 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening zoals van toepassing vóór de inwerkingtreding van artikel 83 en 116 van het decreet van 25 april 2014 betreffende de handhaving van de omgevingsvergunning.

De verbalisant voegt eventuele andere stukken ter staving van het misdrijf bij.

Artikel 3. (01/03/2018- ...)

De rekenplichtige ambtenaar van het Grondfonds zoals vermeld in artikel 2, paragraaf 1 legt de in het proces-verbaal vermelde persoon of personen die handelingen, werken of wijzigingen heeft of hebben voortgezet in strijd met het stakingsbevel een administratieve geldboete van 5.000 euro op. De betrokkenen worden van de beslissing tot het opleggen van de administratieve geldboete in kennis gesteld door middel van een aangetekende brief met bericht van ontvangst, zoals vermeld in artikel 6.1.49, § 2, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, zoals van toepassing vóór de inwerkingtreding van artikel 83 en 116 van het decreet van 25 april 2014 betreffende de handhaving van de omgevingsvergunning, waarin de betrokkene wordt verzocht de administratieve geldboete te voldoen via het bijgevoegde overschrijvingsformulier.

Het overschrijvingsformulier vermeldt het adres en het rekeningnummer van het Grondfonds, de naam en het adres van de overtreder, het te betalen bedrag en een verwijzing naar het proces-verbaal. De rekenplichtige kent aan elk overschrijvingsformulier een uniek refertenummer toe.

De aangetekende brief neemt de vaststellingen van het proces-verbaal over. De aangetekende brief bevat bovendien:
1° een verwijzing naar het stakingsbevel;
2° een verwijzing naar de beslissing waarbij de stedenbouwkundige inspecteur het stakingsbevel bekrachtigt;
3° een verwijzing naar het proces-verbaal;
4° het bedrag van de administratieve geldboete;
5° de uiterste datum waarop de administratieve geldboete moet worden betaald;
6° de tekst van de bepalingen van artikel 6.1.47 tot en met 6.1.50 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, zoals van toepassing vóór de inwerkingtreding van artikel 83 en 116 van het decreet van 25 april 2014 betreffende de handhaving van de omgevingsvergunning en van artikel 4 en 5 van dit besluit;
7° het adres van de stedenbouwkundige inspecteur, bedoeld in artikel 4.

Een afschrift van de beslissing waarbij het stakingsbevel wordt bekrachtigd en een afschrift van het proces-verbaal worden bijgevoegd.

HOOFDSTUK III BEHANDELING VAN HET VERZOEK TOT KWIJTSCHELDING, VERMINDERING OF UITSTEL VAN BETALING

Artikel 4. (01/03/2018- ...)

De gemotiveerde verzoeken om kwijtschelding, vermindering of uitstel van betaling, bedoeld in artikel 6.1.49, § 3 en § 4, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, zoals van toepassing vóór de inwerkingtreding van artikel 83 en 116 van het decreet van 25 april 2014 betreffende de handhaving van de omgevingsvergunning, worden gericht aan de gewestelijke stedenbouwkundige inspecteur die bevoegd is voor het gehele grondgebied van het Vlaamse gewest. Deze gewestelijke stedenbouwkundige inspecteur mag niet de persoon zijn die het stakingsbevel heeft bekrachtigd.

De gewestelijke stedenbouwkundige inspecteur brengt de rekenplichtige ambtenaar van het Grondfonds zoals vermeld in artikel 2, paragraaf 1 onmiddellijk op de hoogte van de indiening van het verzoek.

Artikel 5. (... - ...)

De in artikel 4 bedoelde stedenbouwkundige inspecteur kan de verzoeker horen indien deze daarom verzoekt in de aangetekende brief waarmee hij zijn gemotiveerd verzoek tot kwijtschelding, vermindering of uitstel heeft ingediend. De verzoeker kan zich laten bijstaan door een advocaat of door een ander persoon naar keuze.

Artikel 6. (01/03/2018- ...)

De in artikel 4 bedoelde stedenbouwkundige inspecteur deelt zijn beslissing over het verzoek tot kwijtschelding, vermindering of uitstel aan de verzoeker mee per aangetekende brief met bericht van ontvangst. Wanneer vermindering of uitstel van betaling van de administratieve geldboete wordt toegestaan, vermeldt de brief de uiterste datum waarop de administratieve geldboete moet worden betaald. Wanneer een vermindering van de administratieve geldboete wordt toegestaan, wordt de termijn vastgesteld overeenkomstig de bepaling van artikel 6.1.49, § 7, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, zoals van toepassing vóór de inwerkingtreding van artikel 83 en 116 van het decreet van 25 april 2014 betreffende de handhaving van de omgevingsvergunning.

De stedenbouwkundige inspecteur stuurt een afschrift van zijn beslissing over het verzoek naar de rekenplichtige ambtenaar van het Grondfonds zoals vermeld in artikel 2, paragraaf 1.

Artikel 7. (01/09/2016- ...)

Wanneer geen kwijtschelding, vermindering of uitstel van betaling wordt toegestaan, wordt de administratieve geldboete voldaan via het overschrijvingsformulier, bedoeld in artikel 3.

Wanneer vermindering of uitstel van betaling wordt toegestaan, voegt de in artikel 4 bedoelde stedenbouwkundige inspecteur bij zijn aangetekende brief een nieuw overschrijvingsformulier. Het overschrijvingsformulier vermeldt het adres en het rekeningnummer van het Grondfonds, de naam en het adres van de overtreder, het te betalen bedrag en een verwijzing naar de beslissing over het verzoek. De rekenplichtige ambtenaar van het Grondfonds zoals vermeld in artikel 2, paragraaf 1 kent het overschrijvingsformulier een uniek refertenummer toe.

HOOFDSTUK IV DE INVORDERING VAN DE ADMINISTRATIEVE GELDBOETE

Artikel 8. (01/09/2016- ...)

Bij gebrek aan voldoening van de administratieve geldboete en toebehoren, vaardigt de rekenplichtige ambtenaar van het Grondfonds zoals vermeld in artikel 2, paragraaf 1 een dwangbevel uit.

Dit dwangbevel wordt geviseerd en uitvoerbaar verklaard door de stedenbouwkundige inspecteur, bedoeld in artikel 4.

HOOFDSTUK V SLOTBEPALINGEN

Artikel 9. (... - ...)

Dit besluit treedt in werking op 1 mei 2000.

Artikel 10. (... - ...)

De Vlaamse minister, bevoegd voor de ruimtelijke ordening, is belast met de uitvoering van dit besluit.