Decreet tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid "Toerisme Vlaanderen"

Datum 19/03/2004

Inhoudstafel

  1. HOOFDSTUK I ALGEMENE BEPALINGEN
  2. HOOFDSTUK II OPRICHTING
  3. HOOFDSTUK III MISSIE, TAKEN EN BEVOEGDHEDEN
  4. HOOFDSTUK IV BESTUUR EN WERKING
  5. HOOFDSTUK V BEHEERSOVEREENKOMST
  6. HOOFDSTUK VI RAADGEVEND COMITÉ
  7. HOOFDSTUK VII FINANCIËLE MIDDELEN
  8. HOOFDSTUK VIII COÖRDINATIE
  9. HOOFDSTUK IX WIJZIGINGS- EN OPHEFFINGSBEPALINGEN
  10. HOOFDSTUK X OVERGANGSBEPALING
  11. HOOFDSTUK XL SLOTBEPALINGEN

Inhoud

HOOFDSTUK I ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1. (... - ...)

Dit decreet regelt een gemeenschaps- en gewestaangelegenheid.

Artikel 2. (01/01/2019- ...)

In dit decreet wordt verstaan onder Bestuursdecreet: het Bestuursdecreet van 7 december 2018 .

HOOFDSTUK II OPRICHTING

Artikel 3. (01/01/2019- ...)

§ 1. Er wordt een intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid opgericht vermeld in artikel III.4 van het Bestuursdecreet. Dit agentschap draagt als naam "Toerisme Vlaanderen".

De bepalingen van het Bestuursdecreet zijn van toepassing op Toerisme Vlaanderen.

Alle officiële akten, aankondigingen of andere stukken, uitgaande van Toerisme Vlaanderen, moeten de benaming van het agentschap vermelden, met onmiddellijk daarvoor of daarna, deze leesbaar en voluit geschreven woorden: "intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid van de Vlaamse Gemeenschap".

§ 2. De Vlaamse regering bepaalt tot welk homogeen beleidsdomein Toerisme Vlaanderen behoort.

§ 3. De Vlaamse regering bepaalt de vestigingsplaats van Toerisme Vlaanderen.

HOOFDSTUK III MISSIE, TAKEN EN BEVOEGDHEDEN

Artikel 4. (27/07/2020- ...)

Toerisme Vlaanderen heeft als missie het verhogen van de aantrekkelijkheid van Vlaanderen als bestemming, en het bevorderen van het toerisme, de toeristische recreatie en de vrijetijdsbesteding in het kader van het toerisme. Daartoe zal Toerisme Vlaanderen inzonderheid instaan voor de bevordering van de professionalisering van de toeristische sector en voor de ondersteuning van de ontwikkeling van het toeristisch productaanbod, alsmede voor de coördinatie van deze ondersteuning, de uitbouw en coördinatie van het Vlaams topevenementenbeleid.

Artikel 5. (27/07/2020- ...)

§ 1. Teneinde de in artikel 4 bedoelde missie waar te maken, vervult Toerisme Vlaanderen de volgende taken:
1° taken van promotionele aard:
a) het promoten van Vlaanderen en Brussel als toeristische regio's voor zowel recreatief toerisme als zaken-, congres- en incentivetoerisme;
b) het voeren van de strategische promotie op het vlak van toerisme;
c) het verzorgen van marketing en public relations met betrekking tot toerisme in binnen-en buitenland;
d) het vestigen en exploiteren van onthaal- en promotiekantoren in het binnen- en buitenland;
2° taken inzake het toeristische productaanbod:
a) de ontwikkeling en de ondersteuning van de ontwikkeling van het toeristisch productaanbod en het opvolgen en nemen van maatregelen voor de exploitatie van het toeristisch productaanbod;
b) de begeleiding en de co÷rdinatie van streekgebonden en/of lokale strategische plannen voor toerisme;
c) de begeleiding, de co÷rdinatie en de stimulering van de activiteiten van lokale en provinciale toeristische verenigingen, verenigingen voor vreemdelingenverkeer en diensten voor toerisme;
d) de bevordering van het toerisme naar bepaalde doelgroepen vanuit een sociaal oogmerk;
e) het toezicht op en de ontwikkeling van het toeristisch recreatief product;
f) de ontwikkeling, de ondersteuning en de begeleiding van duurzame vormen van toerisme;
g) het nemen van eigen infrastructuurinitiatieven als proefproject of in samenwerking met de privé-sector;
h) het oprichten van steun- en informatiepunten;
i) het stimuleren van vernieuwing en creativiteit in het toeristisch productaanbod;
3° taken inzake integrale kwaliteitszorg: het instaan voor de uitbouw en de bevordering van de integrale kwaliteitszorg in het kader van de bevoegdheden die zijn toegekend door de vigerende en toekomstige wettelijke en reglementaire bepalingen inzake volgende materies:
a) toeristische infrastructuur, subsidies, participaties en andere initiatieven;
b) informatieverstrekking, dienstverlening, vorming en labeling, alsmede enig ander initiatief met het oogmerk van kwaliteitsverbetering van het toeristisch productaanbod;
4° taken inzake onderzoek, communicatie en samenwerking:
a) het voeren en de bevordering van het toeristisch marktonderzoek, consultancy en de toeristische marktstudie;
b) de samenwerking met de diensten van de Vlaamse regering, de lokale, provinciale en federale overheden, de overheidsinstellingen, alsmede met de lokale en provinciale toeristische diensten en verenigingen voor vreemdelingenverkeer;
c) de opvolging van het Europese en internationaal toeristisch beleid in zoverre dit verbonden is aan de eigen opdracht van het agentschap;
d) de verwezenlijking van het toeristisch beleid inzake alle opdrachten, binnen de door de Vlaamse regering uitgetekende beleidslijnen;
e) het opstarten van de virtuele loketfunctie;
f) de bevordering, de coordinatie en het aanbieden van nieuwe communicatietechnieken aan de toeristische sector en het publiek;
g) het aangaan van strategische allianties;
5° taken inzake het Vlaams topevenementenbeleid:
a) het coördineren en het administratief en inhoudelijk ondersteunen van de cel EventFlanders;
b) het participeren in en het voorzitten van het aansturingscomité voor EventFlanders;
c) het financieel ondersteunen van Vlaamse topevenementen.

§ 2. De Vlaamse regering kan nadere regels uitvaardigen betreffende de in artikel 5, § 1, vermelde aangelegenheden. In deze regels kunnen de taken van het agentschap verder worden gepreciseerd en geconcretiseerd.

In geval de uitvoering van de in artikel 5, § 1, vermelde taken gepaard gaat met het verstrekken van subsidies, zekerheidsstellingen, participaties in publiek-private samenwerkingsvormen of andere vormen van tegemoetkoming, onder bezwarende of kosteloze titel, stelt de Vlaamse regering, op basis van dit decreet of desgevallend op basis van een specifiek decreet, terzake de regels en de voorwaarden vast.

Toerisme Vlaanderen kan door de Vlaamse regering worden belast met bijzondere opdrachten die kaderen in de in artikel 4 bedoelde missie en de in artikel 5 bedoelde taken.

Artikel 6. (01/01/2019- ...)

§ 1. Met het oog op de vervulling van de in artikel 4 bedoelde missie en de in artikel 5 bedoelde taken en opdrachten is Toerisme Vlaanderen gerechtigd alle activiteiten te verrichten die rechtstreeks of onrechtstreeks bijdragen tot de verwezenlijking van voormelde missie en voormelde taken en opdrachten.

§ 2. Als rechtspersoon is Toerisme Vlaanderen algemeen rechts-, handelings- en procesbekwaam, zulks binnen de perken van zijn missie en takenstelling als bedoeld in respectievelijk de artikelen 4 en 5.

Onverminderd het bepaalde in het Bestuursdecreet beschikt Toerisme Vlaanderen over de hierna vermelde bijzondere bevoegdheden die het uitoefent in overeenstemming met het bepaalde in dit decreet, de uitvoeringsbesluiten daarvan en het ondernemingsplan:
1° ...
2° ...
3° het uitvoeren van de nodige controles teneinde de in artikel 5 bedoelde taken uit te voeren;
4° het sluiten van overeenkomsten tot samenwerking met derden die doelgerichte acties of activiteiten organiseren binnen het domein van de opdracht van Toerisme Vlaanderen;
5° het sluiten van samenwerkingsovereenkomsten met de provinciale of gemeentelijke besturen of met hun toeristische diensten of verenigingen voor vreemdelingenverkeer;
6° het vestigen en exploiteren van vertegenwoordigings-, onthaal- en promotiekantoren in het buitenland en het bepalen van de plaats van vestiging van deze kantoren in het buitenland;
7° ...
8° ...
9° na machtiging door de Vlaamse regering, het overgaan tot onteigening ten algemenen nutte;
10° de uitvaardiging van technische richtlijnen op beleidsuitvoerend vlak.

HOOFDSTUK IV BESTUUR EN WERKING

Artikel 7. (... - ...)

De werking en het bestuur van het agentschap worden nader geregeld bij besluit van de Vlaamse regering.

HOOFDSTUK V BEHEERSOVEREENKOMST

Artikel 8. (01/01/2019- ...)

...

HOOFDSTUK VI RAADGEVEND COMITÉ

Artikel 9. (... - ...)

Bij Toerisme Vlaanderen wordt een raadgevend comité opgericht.

Artikel 10. (01/12/2011- ...)

§ 1. Het hoofd van het agentschap is van rechtswege lid van het raadgevend comité.

De voorzitter van het raadgevend comité wordt op voorstel van het hoofd van het agentschap aangeduid door de Vlaamse Regering.

§ 2. Onverminderd het bepaalde in § 1, wordt het raadgevend comité verder samengesteld op voorstel van het hoofd van het agentschap door de Vlaamse regering uit een door de regering te bepalen aantal vertegenwoordigers van de onderscheiden deelsectoren binnen de domeinen waarin het agentschap werkzaam is.

§ 3. Met uitzondering van het hoofd van het agentschap, is een mandaat van lid van het raadgevend comité onverenigbaar met een functie als lid van het personeel of een leidinggevende functie van het agentschap zelf.

Artikel 11. (01/12/2011- ...)

§ 1. Het raadgevend comité heeft enkel een adviserende bevoegdheid en geen beslissingsbevoegdheid.

§ 2. Het raadgevend comitÚ heeft als concrete taken:
1° de verlening van adviezen en het formuleren van voorstellen ten aanzien van het hoofd van het agentschap en met betrekking tot de werking van het agentschap;
2° het bijdragen tot de kwaliteit en de optimalisatie van de dienstverlening van het agentschap, zulks inzonderheid door adviesverlening steunende op de expertise van de leden van het raadgevend comité;
3° het waken over de kwaliteitsopvolging inzake de dienstverlening van het agentschap;
4° het geven van feedback omtrent de werking van het agentschap en, daarbij aansluitend, van advies met het oog op de eventuele bijsturing van de werking van het agentschap;
5° het verlenen van advies over de strategische ontwikkeling van het agentschap, alsook het opvolgen en evalueren van processen van strategische aard binnen het agentschap.

§ 3. De Vlaamse regering kan de in §§ 1 en 2 bedoelde taken nader concretiseren en/of preciseren.

§ 4. Het hoofd van het agentschap brengt zowel aan het raadgevend comité als aan de minister, bevoegd voor het toerisme, gemotiveerd verslag uit van de mate waarin het agentschap de adviezen van het raadgevend comité implementeert in de beleidsuitvoering en de manier waarop het dat doet.

HOOFDSTUK VII FINANCIËLE MIDDELEN

Artikel 12. (01/01/2019- ...)

§ 1. De financiële middelen waarover Toerisme Vlaanderen beschikt zijn:
1° een jaarlijkse dotatie vanwege de Vlaamse Gemeenschap en het Vlaamse Gewest;
2° leningen;
3° fiscale heffingen, voorzover bij decreet toegewezen aan het agentschap;
4° ...
5° ontvangsten voortvloeiend uit daden van beheer of beschikking met betrekking tot eigen domeingoederen;
6° schenkingen en legaten in speciën;
7° inkomsten uit eigen participaties en uit door het agentschap verstrekte leningen aan derden;
8° opbrengsten uit de verkoop van eigen participaties;
9° de subsidies waarvoor het agentschap als begunstigde in aanmerking komt;
10° terugvorderingen van ten onrechte gedane uitgaven;
11° vergoedingen voor prestaties aan derden.

§ 2. Tenzij anders is bepaald in een decreet worden de in de § 1 genoemde ontvangsten beschouwd als ontvangsten die bestemd zijn voor de gezamenlijke uitgaven.

§ 3. Overeenkomstig het bepaalde in § 1, 6°, kan het agentschap schenkingen en legaten aanvaarden. Het hoofd van het agentschap beoordeelt vooraf de opportuniteit en de risico's, verbonden aan de aanvaarding.

HOOFDSTUK VIII COÖRDINATIE

Artikel 13. (01/01/2019- ...)

...

HOOFDSTUK IX WIJZIGINGS- EN OPHEFFINGSBEPALINGEN

Artikel 14. (... - ...)

In artikel 4 van het decreet van 20 maart 1984 houdende het statuut van de logiesverstrekkende bedrijven worden de woorden "na advies van technisch comité" geschrapt.

Artikel 15. (... - ...)

In artikel 4, § 1, van het decreet van 3 maart 1993 houdende het statuut van de terreinen voor openluchtrecreatieve verblijven worden de woorden "na advies van het Technisch comité van de openluchtrecreatieve verblijven" geschrapt.

In artikel 5 van het decreet van 3 maart 1993 houdende het statuut van de terreinen voor openluchtrecreatieve verblijven worden de woorden "op advies van het Technisch comité van de openluchtrecreatieve verblijven" geschrapt.

In artikel 6 van het decreet van 3 maart 1993 houdende het statuut van de terreinen voor openluchtrecreatieve verblijven worden de woorden "op advies van het Technisch comité van de openluchtrecreatieve verblijven en van de Vlaamse Adviesraad voor Toerisme" geschrapt.

In artikel 12 van het decreet van 3 maart 1993 houdende het statuut van de terreinen voor openluchtrecreatieve verblijven worden de woorden "op advies van het Technisch comité van de openluchtrecreatieve verblijven en de Adviesraad voor Toerisme" geschrapt.

Artikel 16. (... - ...)

(niet opgenomen)

(Opgeheven worden:

1° het decreet van 7 juli 1998 betreffende de openbare instelling Toerisme Vlaanderen en de Vlaamse Raad voor het Toerisme;

2° het decreet van 5 maart 1985 houdende oprichting van een Vlaamse Adviesraad voor toerisme;

3° artikel 8 van de wet van 21 april 1965 houdende het statuut van de reisbureaus)

HOOFDSTUK X OVERGANGSBEPALING

Artikel 17. (... - ...)

Behoudens andersluidende bepalingen, worden de begroting en rekeningen opgemaakt en goedgekeurd en de controle door het Rekenhof uitgevoerd overeenkomstig de bepalingen van de wet van 16 maart 1954 betreffende de controle op de instellingen van openbaar nut van categorie A.

HOOFDSTUK XL SLOTBEPALINGEN

Artikel 18. (... - ...)

De Vlaamse regering bepaalt de datum waarop dit decreet in werking treedt.

(Dit besluit treedt m.u.v. artikel 16, 2° en 3° in werking op 29 april 2004. Zie B.V.R. 26 maart 2004, B.S., 29 april 2004)