Ministerieel besluit tot vaststelling van de formule, vermeld in artikel 9/13, eerste lid van het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2018 tot uitvoering van het klimaatplan met betrekking tot de infrastructuur voor persoonsgebonden aangelegenheden

Datum 30/08/2018

Inhoud

(... - ...)

DE VLAAMSE MINISTER VAN WELZIJN, VOLKSGEZONDHEID EN GEZIN,

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2018 tot uitvoering van het klimaatplan met betrekking tot de infrastructuur voor persoonsgebonden aangelegenheden, artikel 9/13, eerste lid;

Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, gegeven op 5 juli 2018;

Gelet op de adviesaanvraag binnen 30 dagen, verlengd met 15 dagen, die op 24 juli 2018 bij de Raad van State is ingediend, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Overwegende dat het advies niet is meegedeeld binnen die termijn;

Gelet op artikel 84, § 4, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973,

Besluit :

Artikel 1. (15/10/2018- ...)

Als het Fonds langetermijnprojecten rangschikt, zoals vermeld in artikel 9/13, eerste lid van het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2018 tot uitvoering van het klimaatplan met betrekking tot de infrastructuur voor persoonsgebonden aangelegenheden, hanteert het de volgende formule, waarbij langetermijnprojecten met een hogere score voorrang krijgen op langetermijnprojecten met een lagere score:
[(CO2-reductie/m2)*1000*50]+[CO2-reductie*levensduur*100*30]+[(CO2-reductie van het langetermijnpakket/CO2-reductiepotentieel)*20]
Waarbij:
CO2-reductie: de CO2-reductie van het langetermijnproject, vermeld in de energieprestatiediagnose;
CO2-reductie van het langetermijnpakket: de CO2-reductie van alle langetermijnprojecten waarvoor de aanvrager binnen dezelfde oproep een aanvraag van een klimaatinvesteringssubsidie indient;
CO2-reductiepotentieel: het totale potentieel aan CO2-reducties in het gebouw, zoals vermeld in de energieprestatiediagnose;
levensduur: de levensduur van het langetermijnproject, uitgedrukt in jaren, die voor maatregelen met betrekking tot de gebouwschil geacht wordt 35 jaar te bedragen, en voor maatregelen met betrekking tot installaties geacht wordt 15 jaar te bedragen.

Artikel 2. (15/10/2018- ...)

De score, vermeld in artikel 1, wordt verhoogd met 50 punten als het langetermijnproject een innovatieve energiebesparende maatregel bevat. Een energiebesparende maatregel wordt als innovatief beschouwd als hij gebruik maakt van een vernieuwende en weinig gebruikte technologie die een katalyserende rol kan spelen in de transitie naar een onafhankelijkheid van fossiele brandstoffen.

Artikel 3. (15/10/2018- ...)

De score, vermeld in artikel 1, wordt verhoogd met 50 punten als de aanvrager aantoont dat het gebouw waarop het langetermijnproject betrekking heeft, ten laatste 6 maanden na de oplevering van het langetermijnproject zal voldoen aan de richtnormen, vermeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 13 juli 2018 tot wijziging van diverse bepalingen van het Binnenmilieubesluit van 11 juni 2004 en tot opheffing van het ministerieel besluit van 16 maart 2006 tot vaststelling van het modelformulier en de procedure voor aanvragen van een onderzoek van het binnenmilieu. In het bijzonder de actualisatie zoals opgenomen in bijlage tot bepaling van de biotische, fysische en chemische factoren, en de richt- en interventiewaarden ervan.