Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het Subsidiebesluit van 22 november 2013, wat betreft de realisatie van het groeipad voor groepsopvang en de verhoging van de kostenvergoeding voor kinderbegeleider gezinsopvang ter uitvoering van het zesde Vlaams Intersectoraal akkoord van 30 maart 2021voor de social/non-profitsectoren voor de periode 2021-2025

Datum 03/09/2021

Inhoud

(... - ...)

Rechtsgronden
Dit besluit is gebaseerd op:
- Het decreet van 20 april 2012 houdende de organisatie van kinderopvang van baby's en peuters, artikel 8, § 1, gewijzigd bij de decreten van 29 juni 2012 en 23 maart 2018, artikel 12, § 1, tweede lid en artikel 36, derde lid.

Vormvereisten
De volgende vormvereisten zijn vervuld:
- De Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, heeft zijn akkoord gegeven op 16 juni 2021.
- Er is op 21 juni 2021 bij de Raad van State een aanvraag ingediend voor een advies binnen 30 dagen, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
Het advies is niet meegedeeld binnen die termijn. Daarom wordt artikel 84, § 4, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, toegepast.

Motivering
Dit besluit is gebaseerd op het volgende motief:
- Dit besluit is nodig om het zesde Vlaams Intersectoraal Akkoord van 30 maart 2021 voor de social/non-profitsectoren voor de periode 2021-2025 betreffende de koopkrachtmaatregelen en de kwaliteitsmaatregelen uit te voeren, waaronder de realisatie van het subsidiegroeipad van de groepsopvang Trap 2B naar Trap 2A in de private en de publieke sector, en de stijging van de kostenvergoeding met 1,7% voor de kinderbegeleiders gezinsopvang die werken volgens het sociaal statuut van de aangesloten onthaalouders.

Initiatiefnemer
Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid, Gezin en Armoedebestrijding.

Na beraadslaging,
DE VLAAMSE REGERING BESLUIT:

Artikel 1. (01/04/2021- ...)

In artikel 17, tweede lid, 1°, van het Subsidiebesluit van 22 november 2013, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 februari 2019, wordt het bedrag "23,24 euro" vervangen door het bedrag "24,06 euro".

Artikel 2. (01/04/2021- ...)

In artikel 59, § 2, tweede lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 april 2014, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 24 april 2015 en gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 22 februari 2019, 20 maart 2020 en 18 september 2020, wordt punt 5° vervangen door wat volgt:
"5° fase 5: het bedrag, vermeld in het eerste lid, 1°, wordt verhoogd met 380,69 euro en het bedrag, vermeld in het eerste lid, 2°, met 6,67 euro. Deze fase heeft uitwerking met ingang van 1 april 2021;"

Artikel 3. (01/04/2021- ...)

In artikel 65, 1°, van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 april 2014 en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 februari 2019, wordt het bedrag "20,77 euro" vervangen door het bedrag "21,55 euro".

Artikel 4. (01/04/2021- ...)

Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 april 2021.

Artikel 5. (01/04/2021- ...)

De Vlaamse minister, bevoegd voor opgroeien, is belast met de uitvoering van dit besluit.