Besluit van de Vlaamse Regering tot bepaling van de lokale regierol van de gemeenten op het vlak van sociale economie en werk

Datum 29/04/2022

Inhoud

(... - ...)

Rechtsgronden
Dit besluit is gebaseerd op:
- de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, artikel 20, gewijzigd bij de bijzondere wet van 16 juli 1993;
- het decreet van 17 februari 2012 betreffende de ondersteuning van het ondernemerschap op het vlak van de sociale economie en de stimulering van het maatschappelijk verantwoord ondernemen, artikel 15;

Vormvereisten
De volgende vormvereisten zijn vervuld:
- De Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, heeft zijn akkoord gegeven op 1 december 2021.
- De SERV heeft advies gegeven op 7 maart 2022.
- De Raad Van State heeft advies 71.222/3 gegeven op 19 april 2022, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.

Motivering
Dit besluit is gebaseerd op de volgende motieven:
- We versterken de samenwerking met de lokale besturen door hun lokale regierol op het vlak van sociale economie en werk te verbreden, en door die regierol op een aangepaste manier en meer op maat te financieren. Daarmee faciliteren we de lokale besturen en hun samenwerkingsverbanden ook als (boven)lokale gesprekspartners voor VDAB.

Juridisch kader
Dit besluit sluit aan bij de volgende regelgeving:
- het decreet van 7 mei 2004 tot oprichting van het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap "Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding", artikel 5, § 1/1, 1°, i), vernummerd bij het decreet van 29 mei 2020, en artikel 6, § 2, tweede lid, 2°, c);
- het Wijk-werkendecreet van 7 juli 2017, artikel 13.

Initiatiefnemer
Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Economie, Innovatie, Werk, Sociale economie en Landbouw.

Na beraadslaging,

DE VLAAMSE REGERING BESLUIT:

Artikel 1. (01/01/2023- ...)

In dit besluit wordt verstaan onder minister: de Vlaamse minister, bevoegd voor werk, en de Vlaamse minister, bevoegd voor de sociale economie.

Artikel 2. (01/01/2023- ...)

Volgens de voorwaarden, vermeld in dit besluit, kan de minister aan de volgende begunstigden een subsidie toekennen voor de ondersteuning van hun lokale regierol sociale economie en werk, vermeld in artikel 3 van dit besluit:
1° de centrumsteden, vermeld in hoofdstuk IIIquinquies van het decreet van 5 juli 2002 tot vaststelling van de regels inzake de dotatie en de verdeling van het Vlaams Gemeentefonds;
2° de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden, vermeld in deel 3, titel 3, van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, als ze minimaal 60.000 inwoners op hun grondgebied hebben;
3° de welzijnsverenigingen, vermeld in deel 3, titel 4, hoofdstuk 2, van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, als ze minimaal 60.000 inwoners op hun grondgebied hebben.

Bij een samenvoeging van gemeenten als vermeld in deel 2, titel 8 en 9, van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, krijgen de begunstigden het jaarlijkse subsidiebedrag, zoals het principieel is toegekend voor de volledige zes jaar, respectievelijk voor de laatste drie jaar van de lokale beleidscyclus, verder toegekend tot het einde van de lokale beleidscyclus.

Artikel 3. (01/01/2023- ...)

§ 1. De lokale regierol sociale economie en werk omvat de volgende aspecten:
1° de lokale uitdagingen en lokale partners op het vlak van sociale economie en werk in kaart brengen;
2° het overleg, de samenwerking en de netwerking tussen die partners bevorderen;
3° een beleidsvisie en beleidsdoelstellingen ontwikkelen over de sociale economie en over de tewerkstelling van personen met een afstand tot de arbeidsmarkt in de reguliere en de sociale economie.

§ 2. De volgende prioriteiten zijn de Vlaamse beleidsprioriteiten voor de lokale regierol sociale economie en werk:
1° het opnemen van de lokale regierol sociale economie en werk door de lokale besturen als vermeld in paragraaf 1;
2° de tewerkstelling van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt in de reguliere en de sociale economie bevorderen en daarbij drempels richting de arbeidsmarkt wegnemen, o.m. via de instrumenten wijk-werken, tijdelijke werkervaring en gemeenschapsdienst voor langdurig werkzoekenden;
3° het ondernemerschap, waaronder het sociaal ondernemen en het maatschappelijk verantwoord ondernemen bevorderen;
4° de samenwerking en partnerschappen met VDAB en andere lokale arbeidsmarktactoren faciliteren en een lokale samenwerkingsovereenkomst met VDAB sluiten en opvolgen.

De begunstigden, vermeld in artikel 2, vertalen in hun strategische meerjarenplanning de beleidsprioriteiten, vermeld in het eerste lid, in doelstellingen en acties. Ze zorgen daarbij voor minimaal één actie per beleidsprioriteit.

De minister kan de voorwaarden, vermeld in paragraaf 1 en deze paragraaf, verder specificeren.

§ 3. De begunstigde, die naast de regierol ook de rol van actor in de hoedanigheid van een sociale-economieonderneming als vermeld in artikel 5 van het decreet van 17 februari 2012 betreffende de ondersteuning van het ondernemerschap op het vlak van de sociale economie en de stimulering van het maatschappelijk verantwoord ondernemen, op het vlak van de sociale economie voert, onderscheidt de beide rollen op het vlak van organisatie en aansturing.

Artikel 4. (01/01/2023- ...)

Binnen de perken van de jaarlijks goedgekeurde begroting wordt de jaarlijkse subsidie verdeeld onder de begunstigden, vermeld in artikel 2, op basis van de volgende verdelingscriteria:
1° 40% van de subsidie wordt verdeeld onder de begunstigden, vermeld in artikel 2, op basis van de bevolking op beroepsactieve leeftijd;
2° 20% van de subsidie wordt verdeeld onder de begunstigden, vermeld in artikel 2, op basis van het aantal werkzoekenden zonder werk;
3° 40% van de subsidie wordt gelijk verdeeld onder de begunstigden, vermeld in artikel 2.

Artikel 5. (01/01/2023- ...)

§ 1. In dit artikel wordt verstaan onder:
1° decreet van 15 juli 2011: het decreet van 15 juli 2011 houdende vaststelling van de algemene regels waaronder in de Vlaamse Gemeenschap en het Vlaamse Gewest periodieke plan- en rapporteringsverplichtingen aan lokale besturen kunnen worden opgelegd;
2° departement: het Departement Werk en Sociale Economie, vermeld in artikel 25, § 1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie.

§ 2. De begunstigden, vermeld in artikel 2, geven in hun strategische meerjarenplanning aan hoe ze invulling geven aan de uitvoering van hun regierol.

De minister beoordeelt de aanvraag en kent de subsidie toe na advies van het departement.

De begunstigden, vermeld in artikel 2, rapporteren aan het departement over de uitvoering van de regierol en over de aanwending van de subsidie.

§ 3. Het decreet van 15 juli 2011 is van toepassing op de plan- en rapporteringvoorwaarden, vermeld in paragraaf 2.

§ 4. De minister stemt de plan- en rapporteringsverplichtingen voor de begunstigden, vermeld in artikel 2, die niet onderworpen zijn aan de plan- en rapporteringsverplichtingen, vermeld in het decreet van 15 juli 2011, maximaal af op die verplichtingen.

De minister beoordeelt de aanvraag en kent de subsidie toe na advies van het departement.

De begunstigden, vermeld in artikel 2, rapporteren aan het departement over de uitvoering van de regierol en over de aanwending van de subsidie.

Artikel 6. (01/01/2023- ...)

Het besluit van de Vlaamse Regering van 26 oktober 2012 tot bepaling van de regierol van gemeenten op het vlak van de lokale sociale economie, vermeld in artikel 15 van het decreet van 17 februari 2012 betreffende de ondersteuning van het ondernemerschap op het vlak van de sociale economie en de stimulering van het maatschappelijk verantwoord ondernemen, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 20 juni 2014, 26 februari 2016 en 14 september 2018, wordt opgeheven.

Artikel 7. (01/01/2023- ...)

Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2023.

Artikel 8. (01/01/2023- ...)

De Vlaamse minister, bevoegd voor werk, en de Vlaamse minister, bevoegd voor de sociale economie, zijn, ieder wat hem of haar betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.


Vlaamse Codex, officiële website van de Vlaamse Overheid - https://codex.vlaanderen.be
Geconsolideerde versie die geldt op 29/02/2024