Besluit van de Vlaamse Regering over het afsprakenkader en ondersteuningsplan voor jongeren die in het kader van de jeugdhulpverlening in een onderwijsinternaat verblijven

Datum 03/05/2024

Inhoudstafel

  1. Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
  2. Hoofdstuk 2. Afsprakenkader en ondersteuningsplan
  3. Hoofdstuk 3. Slotbepalingen

Inhoud

( ... - ... )

Rechtsgronden
Dit besluit is gebaseerd op:
- het decreet van 16 juni 2023 over de onderwijsinternaten, artikel 14 
- de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, arti-kel 20. 

Vormvereisten
De volgende vormvereisten zijn vervuld:
- De Inspectie van Financiën heeft advies gegeven op 31 januari 2024.
- De Raad van State heeft advies 75.771/1 gegeven op 29 maart 2024, met toepassing van artikel 84, §1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
- De Gegevensbeschermingsautoriteit heeft advies gegeven op 12 april 2024.

Juridisch kader
Dit besluit sluit aan bij de volgende regelgeving:
- het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp;
- het decreet van 27 april 2018 betreffende de leerlingenbegeleiding in het basisonderwijs, het secundair onderwijs en de centra voor leerlingenbegelei-ding; 
- het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024 tot toekenning van subsidies van de Vlaamse Gemeenschap voor het jaar 2024 aan verschillende organisaties in het raam van de samenwerkingsverbanden ‘1 gezin, 1 plan’.

Initiatiefnemers
Dit besluit wordt voorgesteld door de Vlaamse minister van Welzijn, Volksge-zondheid en Gezin en de Vlaamse minister van Onderwijs, Sport, Dierenwelzijn en Vlaamse Rand.

Na beraadslaging,

DE VLAAMSE REGERING BESLUIT:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen (01/09/2023 - ...)

Artikel 1. ( 01/09/2023 - ... )

In dit besluit wordt verstaan onder:
1° afsprakenkader en ondersteuningsplan: het afsprakenkader en ondersteuningsplan, vermeld in artikel 5;
2° eerstelijnszone, afgekort ELZ: het werkgebied van de zorgraad, vermeld in artikel 13 van het decreet van 26 april 2019 betreffende de organisatie van de eerstelijnszorg, de regionale zorgplatformen en de ondersteuning van de eerstelijnszorgaanbieders;
3° jeugdhulpaanbieder: een jeugdhulpaanbieder als vermeld in artikel 2, §1, 27°, van het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp;
4° jongere: een minderjarige als vermeld in artikel 2, §1, 36°, van het de-creet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp, of een per-soon die daarmee wordt gelijkgesteld conform artikel 18, §3, van het voormelde decreet; 
5° ouders: de ouders, vermeld in artikel 3, §1, 6°, van het decreet van 16 juni 2023 over de onderwijsinternaten;
6° samenwerkingsverband één gezin, één plan, afgekort samenwerkings-verband 1G1P: de samenwerkingsverbanden één gezin, één plan heb-ben als doel om, samen met minimaal de basisvoorzieningen en de jeugdhulpaanbieders die erkend zijn voor gespecialiseerde rechtstreeks toegankelijke jeugdhulpverlening in het werkingsgebied, een gecoördi-neerd en laagdrempelig rechtstreeks toegankelijk zorgaanbod uit te bouwen;
7° sociale dienst: de Sociale Dienst Jeugdrechtbank, vermeld in artikel 56 van het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp.

Artikel 2. ( 01/09/2023 - ... )

Dit besluit is van toepassing op de onderwijsinternaten die erkend, ge-financierd of gesubsidieerd zijn conform artikel 6 en 23 van het decreet van 16 juni 2023 over de onderwijsinternaten en de samenwerkingsverbanden 1G1P, vermeld in artikel 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024 tot toekenning van subsidies van de Vlaamse Gemeenschap voor het jaar 2024 aan verschillende organisaties in het raam van de samenwerkingsverban-den ‘1 gezin, 1 plan’.

Hoofdstuk 2. Afsprakenkader en ondersteuningsplan (01/09/2023 - ...)

Artikel 3. ( 01/09/2023 - ... )

§1. Vóór de inschrijving van jongeren die in het kader van de jeugdhulpverle-ning in een onderwijsinternaat verblijven, worden voor die jongeren, na een grondige analyse van de ondersteuningsnoden en zorgvragen, een van de vol-gende drie trajecten vooropgesteld: 
1° traject 1: voor jongeren voor wie er geen bijkomende ondersteuning dan het verblijf in een onderwijsinternaat en een aantal afspraken over het verblijf nodig zijn;
2° traject 2: voor jongeren bij wie louter een verblijf in een onderwijsinter-naat onvoldoende is, als de jongere zelf en het internaat een bijkomen-de vraag tot en nood aan ondersteuning hebben. De bijkomende onder-steuning wordt op maat gerealiseerd door een effectieve begeleiding door een jeugdhulpaanbieder in de nabije omgeving;
3° traject 3: voor jongeren bij wie de situatie in traject 2 vastloopt of voor jongeren die in afwachting van een plek in een welzijnsvoorziening tij-delijk in een onderwijsinternaat verblijven. Voor de voormelde jongeren is een heroriëntering naar een andere setting dan het onderwijsinternaat vereist. In afwachting van de voormelde heroriëntering voorzien de be-trokken jeugdhulpaanbieders in een substantiële bijkomende onder-steuning van het onderwijsinternaat.

De inschatting, vermeld in het eerste lid, gebeurt op basis van onderling overleg met de jongere, de ouders, het onderwijsinternaat, de betrokken jeugdhulpaanbieders en, in voorkomend geval, de bevoegde jeugdrechter en de sociale dienst.

§2. Het vooropgestelde traject, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, kan gedu-rende het verblijf van de jongere in het onderwijsinternaat veranderen. De be-trokken partijen maken de nodige afspraken over de evaluatie van de zorg- en ondersteuningsnoden. 

§3. Als de betrokken jeugdhulpaanbieders niet bekend zijn bij het onderwijsin-ternaat, neemt het onderwijsinternaat contact op met het samenwerkingsver-band 1G1P van de ELZ waar het internaat zich bevindt. 

Artikel 4. ( 01/09/2023 - ... )

Voor alle jongeren die in het kader van de jeugdhulpverlening in een onderwijsinternaat verblijven, wordt een afsprakenkader en ondersteunings-plan opgesteld. Voor jongeren die traject 1, vermeld in artikel 3, §1, eerste lid, 1°, volgen, is het afsprakenkader en ondersteuningsplan beperkt tot de afspra-ken die zijn opgenomen in het afsprakenkader.

Artikel 5. ( 01/09/2023 - ... )

§1. Het afsprakenkader en ondersteuningsplan, vermeld in artikel 14 van het decreet van 16 juni 2023 over de onderwijsinternaten, komt tot stand in over-leg met:
1° de jongere;
2° de ouders;
3° het onderwijsinternaat;
4° de betrokken jeugdhulpaanbieders, eventueel een vertegenwoordiger van het samenwerkingsverband 1G1P en, in voorkomend geval, de soci-ale dienst;
5° als dat nodig is, kan het CLB van de school waar de jongere is inge-schreven, betrokken worden vanuit zijn opdracht om leerlingen te bege-leiden in hun functioneren op school en in de maatschappij en vanuit zijn functie brede instap.

In het eerste lid, 5°, wordt verstaan onder CLB: een CLB als vermeld in artikel 3, §1, 3°, van het decreet van 16 juni 2023 over de onderwijsinter-naten.

§2. Het afsprakenkader, vermeld in paragraaf 1, omvat minimaal de volgende elementen: 
1° de gegevens van de contactpersonen van het onderwijsinternaat;
2° de gegevens van de ouders;
3° de gegevens van de contactpersonen van de betrokken jeugdhulpaan-bieders en eventueel een vertegenwoordiger van het samenwerkings-verband 1G1P en, in voorkomend geval, de sociale dienst;
4° de zorgen, krachten en doelen van de jongere en het onderwijsinternaat die worden gekaderd in de context van de jongere en het onderwijsin-ternaat;
5° de samenwerkingsafspraken, met inbegrip van financiële afspraken;
6° de afspraken over de opvolging van de jongere;
7° het verloop van het verblijf in het onderwijsinternaat, met aandacht voor de weekend- en vakantieregeling buiten het onderwijsinternaat;
8° de afspraken in geval van een eventuele evolutie in zorgvraag;
9° de evaluatiemomenten.

§3. Het ondersteuningsplan, vermeld in paragraaf 1, omvat minimaal de vol-gende elementen:
1° de geboden ondersteuning op maat van de jongere, zijn context of zijn gezin en het onderwijsinternaat vanuit een of meer jeugdhulpaanbieders door de inzet van personeel en middelen;
2° de samenwerkingsafspraken op gezins- en sociaalnetwerkniveau;
3° de afspraken over de regie van het ondersteuningsplan;
4° de afspraken over de uitstroom;
5° de afspraken over evaluatie en contactmomenten.

§4. Het afsprakenkader en ondersteuningsplan, vermeld in paragraaf 1, wordt ondertekend door: 
1° de jongere;
2° de ouders;
3° het onderwijsinternaat;
4° de betrokken jeugdhulpaanbieders die de afgesproken ondersteuning zullen realiseren en, in voorkomend geval, de sociale dienst.

Artikel 6. ( 01/09/2023 - ... )

Gedurende het verblijf in het onderwijsinternaat heeft iedere partner betrokken bij de uitvoering van het afsprakenkader en ondersteuningsplan, het recht om bijsturing te vragen als de geboden ondersteuning niet meer relevant is of als de geboden ondersteuning niet volstaat om aan de ondersteuningsno-den en de ondersteuningsvraag te voldoen. De voormelde bijsturing gebeurt in overleg met alle betrokken partijen, vermeld in artikel 5, §1. 

Artikel 7. ( 01/09/2023 - ... )

Als pas na de inschrijving van een jongere in een onderwijsinternaat blijkt dat het verblijf van de interne kadert binnen de jeugdhulpverlening of als de nood aan jeugdhulpverlening pas ontstaat na de inschrijving, neemt het onderwijsinternaat contact op met het samenwerkingsverband 1G1P van de ELZ waar het internaat zich bevindt om een afsprakenkader en ondersteu-ningsplan op te stellen conform artikel 5. 

Hoofdstuk 3. Slotbepalingen (01/09/2023 - ...)

Artikel 8. ( 01/09/2023 - ... )

Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 september 2023.

Dit besluit is van toepassing voor de inschrijvingen in een onderwijsinternaat vanaf het schooljaar 2024-2025.

Artikel 9. ( 01/09/2023 - ... )

De Vlaamse minister, bevoegd voor het Welzijn, en de Vlaamse minis-ter, bevoegd voor Onderwijs en Vorming, zijn belast met de uitvoering van dit besluit.


Vlaamse Codex, officiële website van de Vlaamse Overheid - https://codex.vlaanderen.be
Geconsolideerde versie die geldt op 14/06/2026